Conclusie
1.Het cassatieberoep
2.De middelen
Naam: [verdachte]
Ter controle op de juiste naleving van de bij- of krachtens de Wegenverkeerswet 1994 gegeven voorschriften heb ik het motorrijtuig doen stilhouden en een onderzoek ingesteld.
4. Een geschrift, zijnde als bijlage bij voornoemd proces-verbaal gevoegde BVI-IB uitdraai, inhoudende, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Print datum: 24-04-2018
Geboren [geboortedatum] 1974 te [geboorteplaats]
MAATREGELEN
Registratie: 10-12-2002 vorderingsprocedure Cbr Divisie Vorderingen
Autoriteit Cbr Divisie Vorderingen
5. Een geschrift, te weten een e-mailbericht van 14 september 2015, inhoudende, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Van: Aanvragen parketstukken < [e-mailadres] >
6. Een geschrift, te weten een "Uittreksel Justitiële Documentatie" gedateerd 19 januari 2021 voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Recidiveregeling voor ernstige verkeersdelicten
Feit 2 art. 9 lid 2 Wegenverkeerswet Pro 1994
Jaren
Ter terechtzitting gevoerd bewijsverweerDe raadsman heeft vrijspraak verzocht van het onder 2 ten laste gelegde feit.
3.Het juridisch kader
4.De beoordeling van de middelen
rechtsgeldig) ongeldig is verklaard, is niet zonder meer begrijpelijk.