Conclusie
1.Het cassatieberoep
2.Waarover het in deze zaak gaat
3.Samenvatting van de bewijsvoering door het hof
Samenvatting van de conclusies van het hof
Opzettelijk en met voorbedachten rade
Conclusie ten aanzien van de primair ten laste gelegde moord
4.De eerste vier cassatiemiddelen
5.Het vierde middel (medeplegen)
Medeplegen
kunnenworden afgeleid uit de bewijsmiddelen, en niet zozeer om de letterlijke bewoordingen waarin de rechter uitdrukt of het naar zijn overtuiging voldoende waarschijnlijk is dat het tenlastegelegde juist of waar is. Met name als het gaat om oordelen die erop neerkomen dat op grond van bepaalde omstandigheden het ‘niet anders kan zijn dan’ dat een bestanddeel van de tenlastelegging is vervuld, toetst de Hoge Raad of die waarschijnlijkheid begrijpelijk is op basis van de omstandigheden c.q. de bewijsmiddelen die daartoe aanleiding hebben gegeven. Dit gebeurt dan over de band van het motiveringsvoorschrift dat in art. 359 lid 3 Sv Pro besloten ligt, namelijk de begrijpelijkheid van de bewezenverklaring. [24]
nade moord beschikte, is van onvoldoende gewicht en ook niet redengevend voor de gevolgtrekking dat er sprake is geweest van medeplegen.
waaromtrent in het dossier diverse aanwijzingen worden gevonden dat die bedoeld was om de medeverdachte op te halen.Na dit ritje heeft de verdachte de woning niet meer verlaten met de auto tot het moment dat ze naar de Bûterwei/Fogelsang reed na 00:22 uur en waar ze omstreeks 00:30 uur - bij de Mercedes en met een ander - is gezien door [betrokkene 1] . De verdachte heeft zoals eerder overwogen niet geloofwaardig kennelijk leugenachtig verklaard over dit ritje richting Twijzel om de waarheid te bemantelen dat er een of meerdere medeverdachte(n) betrokken waren
die zij op dat moment heeft ontmoet of opgehaald met de Mercedes.Over de terugweg naar de woning vanaf de Bûterwei/Fogelsang heeft de verdachte eveneens kennelijk leugenachtig verklaard dat ze hard heeft gereden en nergens is gestopt. Deze verklaring van de verdachte volgend zou ze ongeveer 10 minuten eerder thuis zijn aangekomen dan dat ze uiteindelijk (blijkens de camerabeelden) deed.
Deze 10 minuten extra waarover de verdachte kennelijk leugenachtig heeft verklaard boden haar in ieder geval de ruimte om zich weer van de medeverdachte(n) en het (slag)wapen te kunnen ontdoen voordat ze weer naar huis ging. De verdachte heeft - als overwogen - gelogen over haar route vanaf de Bûterwei om de betrokkenheid bij het feit van haarzelf en haar mededader te bemantelen.Het hof kent in dit verband ook betekenis toe aan het feit dat de verdachte - anders dan zij beweert - haar telefoon uitschakelde om 00:46:30 uur vlak voor haar vertrek met de Mercedes in de nacht vanaf de Bûterwei. Door haar telefoon vlak voor vertrek bij de Bûterwei uit te schakelen, kon de door de verdachte afgelegde route in ieder geval niet aan de hand van haar telefoonlocatiegegevens in kaart worden gebracht. Het feit dat de verdachte in tegenstelling tot het ritje op de avond van 8 juli 2017, haar telefoon bij de terugweg op 9 juli 2017 vanaf 00:46 uur opeens wél haar telefoon uitschakelde, plaatst het hof in het gegeven dat de verdachte in de avond van 8 juli 2017 het contact met het slachtoffer moest onderhouden om te kunnen coördineren waar het slachtoffer was en dat het slachtoffer op het juiste tijdstip naar de juiste locatie kwam.”
samenwerkingen minder om de vraag wie welke feitelijke handeling(en) heeft verricht. Ook voor uitvoeringshandelingen die (uitsluitend) door de medeverdachten zijn verricht kan de verdachte in strafrechtelijke zin aansprakelijk worden gehouden. Daarnaast kan medeplegen worden aangenomen bij feiten die volgens ervaringsregels niet of moeilijk alleen kunnen worden verricht. [26] Maar ook in dat laatste geval zal de rechter op grond van de feiten en het beschikbare bewijs moeten motiveren dat de verdachte het betreffende delict niet alleen heeft gepleegd dan wel heeft kunnen plegen.