Conclusie
Inleiding
liaison-netwerk van de Europese Commissie voor Democratie door Recht (Commissie van Venetië) van de Raad van Europa, waarvan de Hoge Raad deel uitmaakt. Via de Raad voor de Rechtspraak zijn de handleidingen bij de verschillende Roljournalen verkregen.
2.Aanleiding vordering
3.Plan van behandeling
Paragraaf 4: de huidige administratie van civiele zaken bij de Nederlandse gerechten en verschillende wijzen van inzage daarin. In dat verband komt aan de orde:
(i) de rol, de rolzitting en het Roljournaal;
(ii) inzage via het bestaan van openbare websites/andersoortige gegevens voor bepaalde categorieën zaken en
(iii) inzage door de pers.
Paragraaf 5: de wijze waarop gerechten omgaan met (telefonische) vragen over lopende procedures.
Paragraaf 6-8: mogelijke grondslagen voor de verplichting om gegevens openbaar te maken.
Paragraaf 6 behelst de door de voorzieningenrechter in de uitspraak van 27 september 2012 beoordeelde wettelijke grondslagen: het huidige art. 29 Rv Pro en art. 838 Rv Pro.
In de paragrafen 7 en 8 worden twee andere grondslagen besproken, te weten het Besluit orde van dienst gerechten en het beginsel van openbaarheid.
Paragraaf 9: het verstrekken van informatie over lopende zaken door internationale en buitenlandse gerechten.
Paragraaf 10: de AVG in het licht van de vraag of deze Verordening een contra-indicatie vormt voor het verstrekken van informatie.
Paragraaf 11bevat mijn bevindingen, conclusies en aanbevelingen.
paragraaf 12worden tot slot het cassatiemiddel en de vordering geformuleerd.
De huidige administratie van civiele zaken bij de Nederlandse gerechten en verschillende wijzen van inzage daarin
De gerechten stellen de zittingslijsten een week voor de zitting gratis ter beschikking aan journalisten. [35] In strafzaken, voorlopige voorzieningen in bestuurszaken en in kortgedingen liggen dagvaardingen, verzoekschriften en beroepschriften uiterlijk één week voor de zitting onder embargo ter inzage voor journalisten. Hiervan zijn uitgezonderd zaken op het gebied van personen-, familie- en jeugdrecht en andere zaken die op wettelijke gronden achter gesloten deuren worden behandeld. Op alle genoemde informatie rust een embargo tot aan het moment dat de zaak in het openbaar wordt behandeld. [36]
Een andere mogelijkheid zou kunnen zijn, bijvoorbeeld in het geval dat een bepaalde categorie zaken bij één gerecht is geconcentreerd, dat men op de dag vóór de rolzitting bij het gerecht langsgaat om ter plekke het overzicht van de op de rolzitting te behandelen zaken te bekijken. Maar dan wordt alleen wetenschap verkregen welke proceshandelingen in deze zaken op die rolzitting worden of moeten zijn verricht. Uit het overzicht is niet af te leiden wanneer in deze zaken een mondelinge behandeling plaatsvindt. Erg efficiënt of gebruikersvriendelijk is deze methode niet.
5.Het inwinnen van informatie bij de griffies
Gerechtshof ’s-Hertogenbosch: de griffie van de sector handelsrecht verstrekt uitsluitend zaaksgegevens aan een advocaat in een bij hem/haar in behandeling zijnde zaak. Een procespartij wordt naar zijn/haar advocaat verwezen voor informatie. Voor het overige verstrekt de griffie geen informatie, maar gelden de afspraken met de afdeling communicatie & voorlichting over informatievoorziening aan de pers en anderen met een wettelijk recht op informatie (zoals het OM).
Rechtbank Amsterdam: er wordt een onderscheid gemaakt tussen procedurele informatie, (proces)stukken uit het dossier en uitspraken. Procespartijen hebben recht op procedurele informatie. Verstrekking gebeurt eventueel via de advocaat/gemachtigde. Aan derden worden zonder wettelijke grondslag geen stukken uit/informatie over procedures verstrekt. Dit geldt ook voor opsporingsinstanties en voor advocaten die niet in de procedure optreden (deze zijn geen procespartij, en dus derde). Derden hebben geen recht op procedurele informatie. Vragen over de datum van een zitting worden afgestemd met de rechter of secretaris (zitting is openbaar).
Rechtbank Noord-Nederland:de griffies verstrekken terughoudend gegevens, dit met het oog op de privacywetgeving (AVG). In feite worden alleen gegevens verstrekt als blijkt dat de verzoeker bekend is met de zaak, bijvoorbeeld als hij een zaaknummer weet of betrokken is bij de zaak. Bij insolventiezaken of schuldsanering wordt pas informatie gegeven als de uitspraak openbaar is gemaakt. Bij betrokkenheid van minderjarigen in een procedure wordt nog terughoudender omgegaan met verzoeken om informatie. In kortgedingenzaken, waarin minderjarigen zijn betrokken, wordt alleen informatie verstrekt aan de gemachtigden van partijen. Handelszittingen zijn over het algemeen openbaar. Journalisten worden op voorhand via de afdeling communicatie op de hoogte gesteld van interessante zaken (kort geding, handels- of kantonzaken), uitgezonderd zaken waarbij minderjarigen betrokken zijn.
Rechtbank Overijssel: de griffie verstrekt informatie aan procespartijen. Aan derden wordt enkel informatie verstrekt als ze een zaaknummer of naam van (een van) partijen vermelden. De griffie gaat niet in de eigen systemen zoeken. Algemene verzoeken worden aan het regiebureau voorgelegd, zaakspecifieke verzoeken worden voorgelegd aan de behandelend rechter.
Mogelijke grondslagen voor het verstrekken van informatie; de door de voorzieningenrechter beoordeelde grondslagen
Andere mogelijke grondslag voor het verstrekken van informatie over lopende procedures: het Besluit orde van dienst gerechten
In de Nota van Toelichting bij deze wijziging zijn enkele opmerkingen gemaakt over de toegankelijkheid van informatie over aanhangige zaken. Daaruit blijkt dat uitdrukkelijk rekening is gehouden met de mogelijkheid dat advocaten zaken willen observeren waarbij hun cliënt nog geen partij is. In de Nota van Toelichting is daarover het volgende opgenomen: [53]
Andere mogelijke grondslag voor het verstrekken van informatie over lopende procedures: openbaarheid als beginsel van behoorlijke rechtspleging
not theoretical or illusory, but practical and effective” zijn. Dat is in het bijzonder van belang met betrekking tot art. 6 lid 1 EVRM Pro, gezien de prominente rol die het recht op een eerlijk proces speelt in een democratische samenleving, aldus het EHRM. [61]
Riepan t. Oostenrijk [64] betrof een zitting in een strafzaak, waarin de verdachte gedetineerd was en de zitting in de gevangenis werd gehouden. De verdachte klaagde bij het EHRM dat de zitting niet openbaar was geweest, omdat het publiek weliswaar formeel was toegelaten, maar praktisch gezien geen toegang had tot de zitting. Het EHRM overwoog vervolgens dat een zitting slechts als openbaar kan worden beschouwd als deze niet alleen wordt gehouden in een voor het publiek toegankelijke ruimte,
maar ook als het publiek kan achterhalen waar en wanneer een zitting plaatsvindt(curs. A-G):
Riepanniet voldaan: de zitting was weliswaar aangekondigd in een wekelijks overzicht van zittingen dat bij de rechtbank ter inzage lag en aan de media werd verstrekt, maar dat was gelet op het feit dat de zitting in de gevangenis werd gehouden niet voldoende. [66] Van belang is dat niet alleen juridische, maar (juist) ook feitelijke obstakels voor het bijwonen van een zitting een schending van het beginsel van een openbare behandeling kunnen opleveren, zo benadrukt het EHRM.
Luchaninova t. Oekraïne [67] had een (straf)zitting plaatsgevonden in een voor het publiek niet toegankelijke kliniek, zonder dat de zitting van tevoren was aangekondigd en zonder dat daarbij anderen dan de betrokkenen aanwezig mochten zijn. Het EHRM achtte die gang van zaken niet verenigbaar met art. 6 lid 1 EVRM Pro:
Over de belangen van minderjarigen wordt in de toelichting alleen vermeld dat in zaken betreffende minderjarigen behandeling met gesloten deuren al snel aangewezen zal kunnen zijn omdat voor minderjarigen een verschijning ter terechtzitting reeds snel een zeer belastende ervaring kan zijn.
Dat behandeling achter gesloten deuren in beginsel gerechtvaardigd is waar de belangen van minderjarigen aan de orde zijn, blijkt ook uit art. 6 lid 1 EVRM Pro zelf en uit rechtspraak van het EHRM. [74]
www.rechtspraak.nlgepubliceerde uitspraken worden geanonimiseerd volgens de Anonimiseringsrichtlijnen. [81] Die houden, kort gezegd, in dat in beginsel alle gegevens van natuurlijke personen worden geanonimiseerd, [82] tenzij zij professioneel bij de procedure waren betrokken (bijvoorbeeld als advocaat). Daarbij gaat het om hun namen, maar ook om hun adressen, geboortedata en om andere gevoelige gegevens zoals burgerservicenummers en paspoortnummers. Deze worden vervangen door een neutrale term die de rol van de weggelaten tekst aangeeft, zoals [eiser], [gedaagde], [adres] et cetera. Andere gegevens aan de hand waarvan personen zouden kunnen worden geïdentificeerd (en die dus onder de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) als persoonsgegevens gelden), worden niet standaard geanonimiseerd; te denken valt aan uiterlijke kenmerken en sociale en economische kenmerken zoals beroep, inkomen en opleiding. Dat leidt er soms toe dat de betrokkenen aan de hand van die gegevens alsnog kunnen worden geïdentificeerd. Een andere benadering is echter moeilijk denkbaar zonder dat de uitspraak onbegrijpelijk wordt. [83] Gegevens van rechtspersonen worden in beginsel niet geanonimiseerd, tenzij die herleidbaar zijn tot een natuurlijk persoon.
9.Vergelijking met internationale en buitenlandse gerechten
Verder is informatie opgevraagd van gerechten van (voormalige) EU-lidstaten, omdat zij zowel aan het EVRM als de AVG zijn gebonden zijn (of dat tot voor kort waren). De informatie is verkregen door middel van een uitvraag in het
liaison-netwerk van de Europese Commissie voor Democratie door Recht (Commissie van Venetië) van de Raad van Europa, waarvan de Hoge Raad deel uitmaakt.
Tot slot is eigen onderzoek gedaan naar de gang van zaken in de ons omringende landen.
Rules of Courtis bepaald dat toegang tot de documenten door de president van de betrokken Kamer kan worden beperkt op de gronden die art. 6 lid 1 EVRM Pro noemt voor het houden van een zitting achter gesloten deuren, waaronder dus ook de bescherming van de privacy van partijen. [89]
netwerk
liaison-netwerk van Commissie van Venetië is de Nederlandse gang van zaken uitgelegd en is het volgende gevraagd:
en
2. Is it possible to discover whether cases are pending between certain parties, which case number these have, and whether hearings are planned in these cases? If this information is not directly available (for instance online or via a public register), do courts provide it on request? If so, do conditions apply, such as that one should have a legitimate interest in receiving this information, or that there are no privacy concerns?”
liaison officers.
Spanje [93] het beginsel van openbare rechtspraak in art.120 van Pro de Grondwet, maar is dit nader uitgewerkt in de
Ley Orgánica 6/1985 del Poder Judicial(
Organic Law on the Judiciary, de Spaanse wet op de rechterlijke organisatie). In art. 234 lid 1 van Pro deze wet staat beschreven dat belanghebbenden toegang hebben tot informatie over lopende zaken:
Polen [95] is het beginsel van openbare rechtspraak (neergelegd in art. 9 (1) van het Poolse wetboek van burgerlijke rechtsvordering) uitgewerkt in de
Rules of Procedure for Common Courtsvan 18 juni 2019. Deze wetgeving verplicht de gerechten om zittingen aan te kondigen. Dat gebeurt door de informatie over de zittingen (waaronder partijnamen, tenzij bijzondere (privacy)belangen anonimisering rechtvaardigen) buiten de zittingszaal op papier of op een scherm te tonen.
In a situation where court dockets are published on the websites of courts – the personal data of parties to and participants in proceedings are not, however, presented there (§ 94(2)).”
Slowakije [97] is de toegang tot zittingsinformatie eveneens in de wet uitgewerkt, namelijk in art. 82ba van de
Law on Courts. Deze wet bepaalt dat de gerechten zittingslijsten publiceren, met daarop onder andere ook de partijnamen:
Law on Freedom of Informationeen grondslag voor het verstrekken van zittingsinformatie, met uitzondering van persoonsgegevens over de partijen:
Zweden [100] kan een ieder contact opnemen met een gerecht voor informatie over aanhangige zaken tussen bepaalde partijen. Partijnamen worden slechts dan niet openbaar gemaakt indien de betreffende partij een geheime identiteit heeft. Zaaknummers worden altijd verstrekt evenals de planning van zittingen. De verzoeker behoeft geen belang bij de informatie te stellen en komt bovendien een recht op anonimiteit toe. Dit alles is gebaseerd op het beginsel van:
Tsjechië [102] bestaat eveneens een
freedom of information-wet (Law No. 106/1999 Coll). Op grond van deze wet kan bepaalde informatie aangaande de rechterlijke macht worden opgevraagd. Gerechten zullen echter geen informatie vrijgeven over de rechterlijke besluitvorming:
infoJednani [103] nagaan welke zitting op een bepaalde dag in een bepaald gerechtsgebouw plaatsvindt. Ook kan via de website
InfoSoud [104] op zaaknummer worden gezocht, waarna de voortgang in deze zaak wordt getoond. Daarbij worden geen partijnamen getoond. Op geen van beide websites kan op partijnaam worden gezocht.
liaison-netwerk, is door eigen onderzoek de volgende informatie verkregen over de gang van zaken in de ons omringende landen.
Belgiëwordt via het (vrij toegankelijke) portaal ‘Uw dossier’, na het invoeren van een gerecht en een datum, zaaknummer of kamer een overzicht van alle zittingen getoond, die op die datum en bij dat gerecht worden gehouden. [105] Daarbij worden geen partijnamen getoond, maar wel zaaknummers.
Duitslandpubliceren gerechten online een zittingsagenda, waarin het zaaknummer en het onderwerp van de te behandelen zaken worden genoemd. Partijnamen worden niet genoemd. [106]
Frankrijkkan de justitiabele de eigen zaak volgen via ‘Mon Espace’, een op het Nederlandse ‘Mijn Zaak’ gelijkend portaal. [107] Voor zover ik heb kunnen nagaan worden geen online zittingsagenda’s gepubliceerd.
Verenigd Koninkrijkworden telefonisch op verzoek gegevens verstrekt over lopende zaken, waaronder de zittingsdata, de partijnamen, de namen van de betrokken rechter en advocaten en het onderwerp van de zaak. Deze informatie wordt zowel aan journalisten als aan het algemene publiek verstrekt. Zij hebben ook toegang tot inhoudelijke documenten, zoals het
claim form [108] waarin de vordering en de grondslag daarvan worden omschreven. [109] Daarnaast publiceren gerechten zittingsagenda’s waarbij partijnamen voluit worden genoemd, behalve in familiezaken. [110]
20.2 Court files and records should be public or otherwise accessible to persons with a legal interest or making responsible inquiry, according to forum law.
20.3 In the interest of justice, public safety, or privacy, if the proceedings are public, the judge may order part of them to be conducted in private.”
10.De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)
natuurlijkepersonen, en dus niet op gegevens van rechtspersonen. [118] Verder is duidelijk dat de AVG op gegevens ziet aan de hand waarvan een natuurlijke persoon direct of indirect kan worden geïdentificeerd. [119] Zo kan een persoon direct worden geïdentificeerd op basis van zijn naam, adres en geboortedatum, maar ook indirect, bijvoorbeeld aan de hand van een telefoonnummer, als dit aan zijn naam is te koppelen. Bij dit laatste is bepalend of de persoon aan de hand van deze gegevens ‘met redelijke middelen’ kan worden geïdentificeerd. Als dat kan, vallen ook dergelijke gegevens onder de AVG. [120]
verstrekken door middel van doorzending, verspreiden of op andere wijze ter beschikking stellen, aligneren of combineren, afschermen, wissen of vernietigen van gegevens;” (onderstreping A-G)
Advocaat X en burger Z kwamen tegen deze beslissing op bij de rechtbank Midden-Nederland. Om te bepalen of de Autoriteit Persoonsgegevens daadwerkelijk niet bevoegd was om te beslissen op de verzoeken van X en Z, legde de rechtbank het HvJ EU onder meer de prejudiciële vraag voor welke uitleg moet worden gegeven aan artikel 55, lid 3 AVG, waarin is bepaald dat toezichthoudende autoriteiten niet competent zijn om toe te zien op verwerkingen door gerechten “bij de uitoefening van hun rechterlijke taken”. [132]
38 Het bepalen, gelet op het voorwerp en de context van een bepaalde zaak, welke informatie uit een dossier van een gerechtelijke procedure aan journalisten mag worden verstrekt met het doel hen in staat te stellen verslag uit te brengen over het verloop van de gerechtelijke procedure of bepaalde aspecten van een gewezen beslissing toe te lichten, houdt namelijk duidelijk verband met de uitoefening door die gerechten van hun „rechterlijke taken”. Het toezicht daarop door een externe autoriteit zou de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht in het algemeen in gevaar kunnen brengen.”
persoonsgegevensin de zin van artikel 4, punt 1, AVG bevatten. Informatie, zoals de naam en het adres van advocaat X en het burgerservicenummer van burger Z, heeft duidelijk betrekking op „een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon”.”
verwerking” in de zin van artikel 4, punt 2, AVG. Toch is dit een aspect dat tot twijfel zou kunnen leiden. Waarin bestond precies de specifieke verwerking die aanleiding gaf tot toepassing van de AVG?
geautomatiseerdhebben plaatsgevonden. Het procesdossier rept niet over het eventuele gebruik van geautomatiseerde procedés bij die activiteit. In de huidige maatschappij zal er uiteraard op enig moment sprake zijn van gebruik van geautomatiseerde procedés. Aangezien rekening moet worden gehouden met de gehele keten van verwerkingen, geldt bovendien dat zodra iemand de processtukken in kwestie, op enig moment vóór de openbaarmaking ervan, heeft gescand, gekopieerd, afgedrukt, ge-e-maild of anderszins uit een databank heeft verkregen, die verwerking ten minste
gedeeltelijkgeautomatiseerd heeft plaatsgevonden in de zin van artikel 2, lid 1, AVG.
bestand” in de zin van artikel 4, punt 6, AVG omdat het een gestructureerd geheel van (persoons)gegevens vormt die volgens bepaalde criteria toegankelijk zijn.
De Memorie van Toelichting bij de Uitvoeringswet AVG zegt daarover het volgende: [135]
uitvoering van een taak van algemeen belang of van een taak in het kader van de uitoefening van het openbaar gezag dat aan de verwerkingsverantwoordelijke is opgedragen» (onderdeel e, hierna ook kortweg: publieke taak) geldt het noodzakelijkheidsvereiste: het doel van de verwerking moet noodzakelijk zijn voor de vervulling van de desbetreffende publieke taak. Naar zijn aard is de publieke taak dynamisch en veranderlijk door de tijd heen. De grenzen van de publieke taak zijn niet altijd op voorhand scherp te trekken. De publieke taak zelf zal echter altijd moeten blijken uit de sectorspecifieke regelgeving die op de verwerkingsverantwoordelijke van toepassing is. Niet noodzakelijk is dat in de sectorspecifieke regelgeving ook expliciet is opgenomen dat ten behoeve van de vervulling van de wettelijke taak gegevens verwerkt mogen worden. Indien het noodzakelijk is om voor de uitvoering van de publieke taak persoonsgegevens te verwerken, kan de wettelijke rechtsgrondslag voor de publieke taak tevens worden beschouwd als rechtsgrondslag voor de verwerking van persoonsgegevens. Het doel van de gegevensverwerking is daarbij naar zijn aard wel gebonden aan de uitoefening van die publieke taak, en de ruimte voor gegevensverwerking vindt hierin zijn begrenzing.”
11.Bevindingen, enkele nadere gedachten en slotsom
Daarnaast leggen gerechten op grond van artikel 15 BODG Pro vóór elke rolzitting een uittreksel van de rol voor eenieder ter inzage. Op dat overzicht is alleen zichtbaar welke zaken zullen worden behandeld en wat daarin op de rolzitting staat te gebeuren, en dus bijvoorbeeld niet wanneer daarin een mondelinge behandeling zal plaatsvinden.
Uit vergelijking met de gang van zaken bij de internationale en buitenlandse gerechten komt naar voren dat aldaar de meeste instanties in elk geval online een geanonimiseerde zittingsagenda publiceren, zodat voor eenieder is na te gaan dat er op een bepaald moment in een bepaalde plaats een zitting plaatsvindt, waarbij meestal ook het onderwerp van de zitting wordt vermeld.
De consequentie van het ontbreken van een integrale zittingsagenda is dat degene die wil weten wanneer een zitting plaatsvindt, contact zal moeten opnemen met de griffies of de afdeling communicatie van de verschillende gerechten. Deze willen, begrijpelijkerwijs, niet zomaar op verzoek van een onbekende in de systemen gaan ‘grasduinen’ om te kijken om welke zaak het zou kunnen gaan, zoals een van de responderende gerechten het omschreef.
freedom of information-wetgeving is aangenomen. [140] In sommige landen, zoals Zweden [141] , strekt die wetgeving zich ook uit tot de rechtspraak.
En op het vlak van publicatie van uitspraken is een herwaardering van het beginsel van openbaarheid al zichtbaar: daar wordt sinds kort ingezet op het online publiceren van alle uitspraken, in plaats van een selectie. [142]
12.Cassatiemiddel en vordering
subsidiair: de griffier te gelasten alsnog opgave te doen van procedures van 1 januari 2011 tot en met heden waarin [A] partij is en/of was, althans over een door de voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen periode;
iii) primair: de griffier te gelasten afschriften te verstrekken van alle uitspraken waar [A] partij bij was;
subsidiair: de griffier te gelasten afschriften te verstrekken van uitspraken van 1 januari 2011 tot en met heden waarin [A] partij was, althans over een door de voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen periode;
iv) meer subsidiair: de griffier te bevelen om afschriften van de rol, althans de administratieve vastlegging van alle zaken, over de periode vanaf 1 januari 2011 tot en met heden, althans over een door de voorzieningenrechter in goede justitie te bepalen periode, aan HBM cs te verstrekken.”
en voorts zal verstaan dat de vernietiging geen nadeel zal toebrengen aan de rechten die door betrokkenen zijn verkregen.