ECLI:NL:RBSGR:2012:BY1768
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen weigering griffier tot verstrekking afschriften vonnissen zonder specifieke datum en partijen
De zaak betreft een verzetprocedure tegen de griffier van de rechtbank 's-Gravenhage vanwege diens weigering om afschriften van vonnissen te verstrekken zonder dat het verzoek betrekking had op een vonnis van een specifieke datum tussen met naam en toenaam aangeduide partijen. Verzoekers, bestaande uit meerdere besloten vennootschappen en een natuurlijke persoon, verzochten de griffier om opgave en afschriften van alle procedures waarin een bepaalde persoon partij was.
De griffier weigerde dit verzoek op grond van artikel 28 lid 6 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv), stellende dat het verzoek onvoldoende concreet was. Verzoekers kwamen hiertegen in verzet en stelden dat de eis van de griffier te streng was en dat artikel 838 Rv Pro mede van toepassing was.
De voorzieningenrechter oordeelde dat artikel 28 Rv Pro alleen betrekking heeft op het verstrekken van afschriften van vonnissen, arresten en beschikkingen, en niet op het verstrekken van een overzicht van procedures. Het verzoek om een overzicht werd daarom afgewezen. Wel werd geoordeeld dat de griffier gehouden is afschriften te verstrekken van alle uitspraken waarbij de betreffende partij betrokken was, ook zonder specifieke datum, tenzij zwaarwegende belangen zich daartegen verzetten.
De voorzieningenrechter verklaarde het verzet gegrond en gelastte de griffier afschriften te verstrekken van alle uitspraken waarbij de betreffende partij betrokken was, terwijl het meer of anders verzochte werd afgewezen. De uitspraak benadrukt het belang van openbaarheid van rechtspraak en dat de griffier niet mag weigeren op grond van de omvang van het verzoek zonder zwaarwegende belangen.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en de griffier wordt gelast afschriften te verstrekken van alle uitspraken waarbij de betreffende partij betrokken was.