Conclusie
Nummer22/01358
Inleiding
1. “medeplegen van opzettelijk een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander te duchten is, meermalen gepleegd”,
2. “medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie II, meermalen gepleegd”,
3. “handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II”,
4. “medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie III en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II”,
5. “handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie II” en
6. “handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een vuurwapen van categorie III en handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie”,
veroordeeld tot een gevangenisstraf van zeven jaren en tien maanden, met aftrek van voorarrest. Tevens heeft het hof de vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen toegewezen en daarvoor de schadevergoedingsmaatregel opgelegd. Daarnaast heeft het hof beslissingen genomen ten aanzien van inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, een en ander zoals in het bestreden arrest omschreven.
Het tweede middel
hij op 12 juni 2018 te Noordwijk, tezamen en in vereniging met een ander een wapen in de zin van artikel 1 onder Pro 3, gelet op artikel 2, lid 1, categorie III sub 1 van de Wet wapens en munitie, te weten
24. 1.00 STK Boxbeugel”