ECLI:NL:PHR:2023:1121

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
31 oktober 2023
Publicatiedatum
7 december 2023
Zaaknummer
22/00785
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 437 lid 2 SvArt. 511h Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens niet-indienen middelen binnen termijn

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden had eerder vastgesteld dat het wederrechtelijk verkregen voordeel € 2.000 bedroeg en legde betrokkene een betalingsverplichting van € 1.800 aan de Staat op.

Betrokkene stelde cassatieberoep in, maar diende geen schriftuur houdende middelen van cassatie in binnen de wettelijk gestelde termijn. Hierdoor kon de Hoge Raad betrokkene niet in zijn cassatieberoep ontvangen.

De procureur-generaal concludeert daarom tot niet-ontvankelijkheid van betrokkene in het cassatieberoep. Er is tevens samenhang met andere zaken waarin soortgelijke conclusies zijn gegeven.

De beslissing betreft een procedurele afwijzing van het cassatieberoep wegens niet-naleving van procesregels, zonder inhoudelijke beoordeling van de zaak.

Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep wegens het niet indienen van middelen binnen de wettelijke termijn.

Conclusie

PROCUREUR-GENERAAL

BIJ DE

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

Nummer22/00785 P
Zitting31 oktober 2023

CONCLUSIE

D.J.C. Aben
In de zaak
[betrokkene] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1968,
hierna: de betrokkene
1. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft bij uitspraak van 28 februari 2022 het bedrag waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vastgesteld op € 2.000,- en de betrokkene ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel de verplichting opgelegd tot betaling aan de Staat van € 1.800,-.
2. Er bestaat samenhang met de zaken 22/00747, 22/00810, 22/00871 en 22/00788. In deze zaken zal ik vandaag ook concluderen.
3. Het cassatieberoep is ingesteld namens de betrokkene. Namens de betrokkene is geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend.
4. Nu de betrokkene niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan hij ingevolge artikel 437 lid 2 Sv Pro juncto artikel 511h Sv niet in zijn cassatieberoep worden ontvangen.
5. Deze conclusie strekt ertoe dat de betrokkene niet-ontvankelijk wordt verklaard in zijn cassatieberoep.
De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG