ECLI:NL:PHR:2023:651
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens verzuim hof te beslissen op verzoek schouw bij onbruikbaar maken beschoeiing
De verdachte werd door het hof Den Haag veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk en wederrechtelijk onbruikbaar maken van een goed dat aan een ander toebehoort, namelijk beschoeiing. Het hof legde geen straf op en verklaarde de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de schadevordering. Tijdens het hoger beroep had de verdediging een verzoek ingediend tot het houden van een schouw ter plaatse, bedoeld om de feitelijke situatie beter te kunnen beoordelen.
Het hof heeft echter nagelaten om op dit verzoek te beslissen, hetgeen een formeel verzuim oplevert dat leidt tot nietigheid van het arrest. De procureur-generaal concludeert dat dit verzuim voldoende is voor vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak naar het hof Den Haag voor een nieuwe behandeling, waarbij het verzoek tot schouw alsnog moet worden beoordeeld.
De overige middelen van cassatie behoeven geen bespreking nu het eerste middel slaagt. Er zijn geen andere gronden voor vernietiging aangetroffen. De conclusie strekt tot vernietiging van het arrest voor zover het betrekking heeft op de tenlastelegging en strafoplegging, met terugwijzing van de zaak, en tot verwerping van het beroep voor het overige.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens het niet beslissen op het verzoek tot schouw en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.