ECLI:NL:PHR:2024:126
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens vernietiging van in beslag genomen voorwerpen
De rechtbank Noord-Nederland heeft klaagster niet-ontvankelijk verklaard in haar beklag tegen de beslaglegging op een televisie en laptop die onder haar ex-partner waren genomen wegens verdenking van geluidshinder. Klaagster stelde cassatieberoep in tegen deze beschikking.
Tijdens de procedure informeerde de griffie van de Hoge Raad bij het openbaar ministerie naar de status van de in beslag genomen voorwerpen. Het OM gaf aan dat de televisie en laptop op 15 april 2023 zijn vernietigd met een machtiging ex art. 117 Sv Pro. Hierdoor is het beslag beëindigd en heeft klaagster geen belang meer bij haar cassatieberoep.
De Hoge Raad concludeert dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Tevens is vermeld dat de strafzaak tegen de beslagene is afgedaan met een OM-beschikking en dat beslagene afstand heeft gedaan van de voorwerpen. De weg naar de civiele rechter blijft open voor eventuele verdere vorderingen.
Deze conclusie volgt vaste jurisprudentie dat beklag ex art. 552a Sv niet meer mogelijk is indien de voorwerpen zijn vernietigd met machtiging en niet om baat zijn vervreemd. Ook het uitblijven van een last tot teruggave kan dan niet meer worden geklaagd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van klaagster wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens vernietiging van de in beslag genomen voorwerpen met machtiging.