Conclusie
Inleiding
De motivering van het hof betreffende de sanctieoplegging
Het verweer van de raadsman betreffende de sanctieoplegging
Het eerste middel en de bespreking daarvan
tenuitvoerleggingvan de maatregel (en niet de maatregel zelf) is die achterwege blijft zolang de verdachte zich aan de gestelde voorwaarden houdt.
Het tweede middel en de bespreking daarvan
artikel 38mvan het Wetboek van Strafrecht aan het opleggen van de ISD-maatregel stelt” (cursivering van mij, A-G). Over het vereiste van de bereidverklaring in de zin van art. 38p lid 5, laatste volzin, Sr zegt het hof niets (in zoveel woorden).
art. 38p lid 5 Srworden gesteld. Indien naar het oordeel van de rechter voor zo’n behandeling een opname in een inrichting nodig is, dient de rechter tevens de duur van die behandeling te bepalen met inachtneming van de geldende bovengrens van twee jaren.
NJ2013/132 heeft de Hoge Raad – in verband met het bepaalde in art. 14c lid 2, aanhef en onder 10°, (oud) Sr – met betrekking tot (kort gezegd) het bepalen van de duur van de opname door de rechter geoordeeld dat de bijzondere voorwaarde die inhoudt dat “de beslissing tot verkorting van de duur van de opneming in een klinisch forensische instelling geschiedt door de behandelaars in overleg met de reclassering” niet onverenigbaar is met die bepaling. De Hoge Raad vervolgt:
Slotsom