ECLI:NL:PHR:2024:657
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging gevangenisstraf wegens overschrijding redelijke termijn in hennepzaak
De verdachte werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld tot een gevangenisstraf van 425 dagen, waarvan 100 voorwaardelijk, wegens het opzettelijk aanwezig hebben van een grote hoeveelheid hennep in een woning.
In cassatie werd aangevoerd dat het hof onbegrijpelijk had geoordeeld dat de verdachte als medebewoner vrij toegang had tot de zolder waar de hennep werd aangetroffen, terwijl de raadsman had gesteld dat de verdachte niet op zolder mocht komen. De Hoge Raad oordeelt dat de mededeling van de raadsman niet als verklaring van de verdachte geldt en dat het oordeel van het hof niet onbegrijpelijk is omdat de verdachte dit niet zelf heeft verklaard.
De Hoge Raad constateert dat de redelijke termijn voor de cassatieprocedure is overschreden en vernietigt daarom uitsluitend het onderdeel van de strafoplegging betreffende de duur van de gevangenisstraf. Het cassatieberoep wordt voor het overige verworpen.
Er zijn geen andere gronden voor vernietiging gevonden. De straf wordt verminderd aan de hand van de gebruikelijke maatstaven voor termijnoverschrijding.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de duur van de gevangenisstraf wegens overschrijding van de redelijke termijn en verwerpt het cassatieberoep voor het overige.