ECLI:NL:PHR:2025:1020
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt veroordeling gezinshuisouder voor ontucht, diefstal en toezending aanstootgevende afbeeldingen
De verdachte, werkzaam als gezinshuisouder, werd door het gerechtshof ’s-Hertogenbosch veroordeeld wegens meervoudige ontucht met een aan haar zorg toevertrouwde cliënt, diefstal met gebruik van een valse sleutel en het meermalen toezenden van pornografische afbeeldingen. Het hof legde een gevangenisstraf van 18 maanden op, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, en een schadevergoedingsmaatregel.
De verdachte verzocht om aanhouding van de zaak wegens ziekte, maar het hof wees dit verzoek af omdat de medische onderbouwing onvoldoende was en het belang van het slachtoffer bij een voortvarende afdoening zwaarder woog. De verdachte had geen medische verklaring overlegd waaruit haar onmogelijkheid tot verschijnen bleek.
In cassatie klaagde de verdachte over de afwijzing van het aanhoudingsverzoek en de motivering van de strafoplegging. De Hoge Raad oordeelde dat het hof de belangenafweging begrijpelijk had gemaakt en dat het aanhoudingsverzoek terecht was afgewezen. Ook de motivering van de strafoplegging, waarin het hof meebracht dat de verdachte het proces had vertraagd door wrakingsverzoeken en het niet tijdig indienen van getuigenvragen, werd niet onbegrijpelijk bevonden.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het arrest van het gerechtshof. Klachten over handelingen van de raadsheer-commissaris konden niet in cassatie worden behandeld. De uitspraak is gepubliceerd onder ECLI:NL:GHSHE:2024:3042.
Uitkomst: Hoge Raad verwerpt cassatieberoep en bevestigt veroordeling en strafoplegging van 18 maanden gevangenisstraf, waarvan zes maanden voorwaardelijk.