3.4Meer specifiek houdt de schriftelijke reactie van het openbaar ministerie – voor zover hier relevant – het volgende in (met weglating van voetnoten):
Het Openbaar Ministerie (hierna: het OM) heeft kennisgenomen van het door de heer De Bont namens zeven klagers, te weten [medeklager 1] , [klaagster] , [medeklager 3] , [medeklager 4] , [medeklager 5] , [medeklager 6] en [medeklager 7] ingediende klaagschriften in het onderzoek Milwaukee.
Deze klaagschriften zijn gelijkluidend, het OM zal dan ook voor deze klaagschriften gezamenlijk één verweerschrift indienen. Opgemerkt zij dat het door al die gelijkluidende klaagschriften namens al die klagers een tamelijk onoverzichtelijk geheel is. Immers de bovengenoemde zeven klagers klagen gezamenlijk tegen een grote hoeveelheid verschillende beslagen, die uiteraard niet aan al die zeven klagers toebehoren dan wel ten laste van hen allen zijn gelegd. Om wat overzicht te krijgen hebben we een beslagschema gemaakt, op basis van de informatie die we hebben. Het zij maar weer herhaald, de informatie die we nodig hebben voor een inzicht in hetgeen allemaal beslagen is, ontbreekt nog altijd voor een belangrijk deel door de inmiddels ook bij Uw Rechtbank welbekende geheimhouderprocedure in dit onderzoek.
Hoe dan ook geldt het volgende terzake de klagers op basis van de huidige informatie: niet alle klagers zijn op dit moment verdachte in het onderzoek:
De klaagschriften hebben betrekking op beslagen gelegd in Zwitserland, België en Luxemburg.
Vooropgesteld zij helaas - het is niets nieuws voor Uw Rechtbank - dat het OM nog niet beschikt over alle documenten, uitvoeringsstukken etcetera die betrekking hebben op de beslagen waar de klaagschriften op zien.
De geheimhouderprocedure is nog altijd niet afgerond. Met Uw Rechtbank is eerder afgestemd dat de behandeling van deze klaagschriften zou worden aangehouden tot het moment dat het onderzoeksteam de beschikking heeft over alle stukken en de rechter-commissaris dat aangeeft, waarna het OM heeft toegezegd binnen een maand een Inhoudelijk standpunt te kunnen formuleren, verwezen zij naar de e-mailwisseling in maart 2022. Desgewenst overleggen we deze.
Kennelijk is dat standpunt verlaten. De situatie is echter onveranderd, op basis van de tot op heden ter beschikking gestelde informatie hebben we slechts beperkt inhoudelijke kennis van de gelegde beslagen.
De stand van zaken is dus nog steeds dat wij de verzoeken van de verdediging om opheffing van de beslagen en de stellingen die zij dienaangaande betrekken niet steeds kunnen beoordelen, nu de onderliggende informatie en documenten veelal ontbreken. We hebben nog géén zicht op de geldstromen in Zwitserland, België en Luxemburg, op wat er exact in beslag is genomen, op hoeveel, ten laste van wiens conto dit valt.
De verdediging heeft weliswaar een overzicht gegeven en bedragen genoemd, maar het mag duidelijk zijn dat het OM op basis van die informatie geen beslissingen neemt. Ter Illustratie van dat laatste: de verdediging brengt keer op keer de beweerdelijke, benarde financiële positie van cliënten naar voren. [medeklager 1] en [klaagster] zouden krap bij kas zitten, ook in dit klaagschrift (r.o. 5.1) geven klagers aan dat ze moeilijk aan hun financiële verplichtingen kunnen voldoen. In dat verband hecht het OM eraan op te merken dat op enig moment informatie kwam, luidende dat [medeklager 1] op 6 juli 2021 (nota bene: daags na de beslagleggingen en doorzoekingen) in privé een bedrag van ruim 3 miljoen Euro heeft overgeboekt naar een rekening van hem bij Emirates NBD Bank PJSC. Dit is ook gecommuniceerd per e-mail van 30 maart 2022 richting verdediging, zie
bijlage 1. Op dit bedrag is (bewust) geen beslag gelegd door het OM. Dit bedrag staat dus ter beschikking van klagers. Met dit soort informatie komt de verdediging zelf niet, dat is hun goed recht. Het betekent tegelijkertijd wel dat wij niet varen op de eenzijdige, onvolledige en/of onjuiste informatie van de verdediging. Wij dienen zelf zicht te krijgen op de materie alvorens besluiten te nemen.
Zwitserland
Met betrekking tot het in Zwitserland gelegde beslag, berichten we u dat helaas de situatie nog steeds onveranderd is ten opzichte van de vorige raadkamer In dit onderzoek, dat was in januari 2024.
Kort en goed is het
fysieke beslagvermoedelijk wel grotendeels overgebracht naar Nederland, de geheimhoudertoets is echter nog niet afgerond. Het onderzoeksteam heeft in elk geval nog veel stukken niet, en onduidelijk vanzelfsprekend is wat er nog komt aan fysiek beslag omdat we geen overzicht mogen hebben van hetgeen er allemaal is. Immers ook dat zou geheimhouderinformatle kunnen bevatten. Wij, het onderzoeksteam en het OM, zijn afhankelijk van wat de rechter-commissaris uit hoofde van de geheimhouderprocedure besluit en vrijgeeft.
We tekenen daarbij aan dat we merken dat de verdediging ook een behoorlijk aantal klaagschriften indient tegen de beslissingen van de rechter-commissaris in het kader van de geheimhouderprocedure. Dat betekent een verdere vertraging in de vrijgave van de stukken.
Het
digitale beslag, hierover is op 24 januari jl. een regiezitting geweest bij de rechters-commissaris. Het doel was, wat het OM betreft althans, om afspraken te maken over de overbrenging van het beslag vanuit Zwitserland naar Nederland en om de rechters-commissaris hierbij te betrekken. Bijgevoegde brief van de rechters-commissaris ontvingen we in afschrift (
bijlage 2). Het mag duidelijk zijn dat zolang de verdediging om garanties vraagt van de rechter-commissaris, die de rechter-commissaris niet kan geven, ook dit traject stagneert. Met andere woorden, dit laat nog even op zich wachten en de uitkomst is ongewis.
België
Vanuit België hebben we nog steeds niet de beschikking over vele uitvoeringsstukken, we hebben bijvoorbeeld geen informatie over het beslag onder de NIBC België (bank), over het beslag op onroerend goed en over voertuigen. Ook van de doorzoeking bij de financieel adviseur van [medeklager 1] en [klaagster] heeft het onderzoeksteam de stukken (nog) niet.
Luxemburg
Vanuit Luxemburg hebben we wel wat uitvoeringsstukken ontvangen, terzake conservatoir gelegde beslagen onder BGL BNP Paribas SA en Goldman Sachs Europe SA.
Klagers stellen dat er sprake is van overbeslag. Het OM betwist dat ten zeerste. De verdediging gaat steeds, in alle correspondentie en nu ook in de klaagschriften, voorbij aan het feit dat er sprake is van vervolgprofijt. Al het beslag dat is gelegd, stemt overeen met de criminele verdiensten verdiend met de strafbare feiten en voortvloeiend daaruit, waar ook het vervolgprofijt onder begrepen dient te worden. Verwezen zij ook naar hetgeen hiervoor onder 2.3 is opgemerkt. Daarbij geldt dat de verdiensten van de verdachten aanzienlijk waren, renderen en daarmee Inmiddels ook vervolgprofijt hebben gegenereerd. Ook daarop leggen we beslag. Van overbeslag is dus geen sprake.
Overigens, zo er al sprake zou zijn van overbeslag, geldt dat verdachten zelf hebben gesteld dat sommige verdachte vennootschappen failliet dreigen te gaan. Onder verwijzing naar hetgeen de Hoge Raad heeft overwogen in zijn arrest van 31 januari 2006, LJN AU4691 (het zogeheten Cumberbatch-arrest) stelt het OM zich op het standpunt dat niet van belang is dat de totale waarde van de conservatoir in beslag genomen voorwerpen op een hoger bedrag wordt geschat dan het voorlopig berekende wederrechtelijk verkregen voordeel. Het beslag dient Immers tot het veiligstellen van het verhaal van een vordering, ook rekening houdend met eventuele faillissementen en meerdere schuldeisers.”