ECLI:NL:PHR:2026:104
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens overschrijding termijn na betekening vonnis
De verdachte werd bij verstek veroordeeld door de politierechter wegens opzettelijk misbruik van een alarmnummer en stelde hoger beroep in op 13 april 2023. Het gerechtshof verklaarde hem niet-ontvankelijk omdat het vonnis op 7 december 2022 persoonlijk aan de verdachte was betekend, waardoor het hoger beroep binnen veertien dagen na die datum had moeten worden ingesteld.
De verdachte betwistte de betekening en stelde dat de mededeling uitspraak aan zijn partner was uitgereikt en dat diens handtekening was nagemaakt. Het hof oordeelde echter dat de handtekening op de akte van uitreiking overeenkwam met die van de verdachte en dat de stelling van de verdachte onvoldoende aannemelijk was. Ook werd het beroep op verontschuldigbare termijnoverschrijding wegens gezondheidsproblemen verworpen.
De procureur-generaal concludeerde dat het middel faalt omdat de mededeling uitspraak wel degelijk op 7 december 2022 persoonlijk aan de verdachte is uitgereikt en dat de verdachte daarmee tijdig op de hoogte was van het vonnis en de mogelijkheid tot hoger beroep. De Hoge Raad volgt deze conclusie en verwerpt het cassatieberoep.
Uitkomst: De verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens overschrijding van de wettelijke termijn na persoonlijke betekening van het vonnis.