ECLI:NL:RBALK:2006:BA3427
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herziening Wajong-uitkering bij toegenomen arbeidsongeschiktheid per 1 januari 2006
Eiseres was vóór 1 januari 2006 arbeidsongeschikt gesteld tussen 55 en 65% en ontving op die grond een Wajong-uitkering. Na een herbeoordeling stelde het UWV de arbeidsongeschiktheid vast op minder dan 25%, waarna de uitkering per 1 januari 2006 werd ingetrokken. In bezwaar stelde het UWV dat de eerdere mate van arbeidsongeschiktheid van 55 tot 65% 'herleefde'. De rechtbank oordeelt echter dat bij onvoldoende geschikte functies, zoals in deze zaak, eiseres volledig arbeidsongeschikt (80-100%) moet worden geacht.
De rechtbank baseert zich op de Wajong en het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten, waarin is bepaald dat bij onvoldoende passende functies de arbeidsongeschiktheid toeneemt. De rechtbank wijst op de noodzaak van een herziening van de uitkering zodra de toegenomen arbeidsongeschiktheid onafgebroken vier weken heeft geduurd, wat betekent dat de uitkering vanaf 29 januari 2006 moet worden aangepast.
Het UWV heeft nagelaten te beoordelen of eiseres recht heeft op een hogere uitkering vanaf die datum, waardoor het bestreden besluit wordt vernietigd. De rechtbank wijst het verzoek om schadevergoeding af en veroordeelt het UWV tot betaling van proceskosten. Het UWV moet een nieuw besluit nemen waarin rekening wordt gehouden met de volledige arbeidsongeschiktheid van eiseres per 1 januari 2006.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder dient de Wajong-uitkering per 1 januari 2006 te herzien op basis van volledige arbeidsongeschiktheid.