ECLI:NL:RBALM:2005:AS6051
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Eiseres, werkzaam als schoonmaakster, ontving sinds 9 juni 1998 een WAO-uitkering wegens bekkeninstabiliteit met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80 tot 100%. Verweerder trok bij besluit van 3 juni 2003 de uitkering per 14 juli 2003 in, omdat eiseres minder dan 15% arbeidsongeschikt werd geacht. Na bezwaar en herbeoordeling door een bezwaarverzekeringsarts bleef het besluit gehandhaafd.
De rechtbank overwoog dat de medische en arbeidskundige rapportages voldoende onderbouwd waren. De verzekeringsarts stelde vast dat de beperkingen van eiseres objectief waren vastgesteld en dat zij ondanks haar klachten nog functies kon vervullen binnen de vastgestelde belastbaarheid. Psychische klachten werden niet als zodanig zwaarwegend beoordeeld op de beoordelingsdatum.
De arbeidsdeskundige concludeerde dat er functies waren die eiseres kon uitvoeren en dat haar verdiencapaciteit daarmee niet significant was verminderd. De rechtbank nam ook de jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep over het claimbeoordelings- en borgingssysteem (CBBS) mee in haar beoordeling.
Gelet op deze feiten en de zorgvuldigheid van het onderzoek oordeelde de rechtbank dat het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering terecht was en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de intrekking van haar WAO-uitkering wordt ongegrond verklaard.