ECLI:NL:RBALM:2007:AZ7534
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering huursubsidie wegens verblijfsstatus EU-onderdaan
Eiseres, een onderdaan van de Bondsrepubliek Duitsland, kreeg aanvankelijk huursubsidie toegekend per 1 juli 2005. De Minister van VROM besloot echter op 31 januari 2006 dat zij vanwege haar verblijfsstatus (verblijfscode 30) geen recht had op huursubsidie over de periode 1 juli 2005 tot 1 januari 2006. Eiseres maakte bezwaar en vervolgens beroep tegen dit besluit.
De rechtbank oordeelt dat het rechtmatig verblijf van een EU-onderdaan niet uitsluitend kan worden vastgesteld aan de hand van de door de IND afgegeven verblijfscode in de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA). De rechtbank verwijst naar het EG-Verdrag en relevante richtlijnen die bepalen dat rechtmatig verblijf moet worden vastgesteld op basis van Europese regelgeving en niet louter nationale administratieve codes.
Hoewel eiseres op de peildatum geen verblijfskaart had, had zij tot 12 januari 2005 rechtmatig verblijf en had zij huursubsidie ontvangen. Bovendien had zij op 16 juni 2005 een aanvraag tot verlenging van haar verblijfsvergunning ingediend. De rechtbank stelt dat de Minister had moeten onderzoeken of eiseres op grond van artikel 10, aanhef en onder a, derde lid, van de Huursubsidiewet alsnog recht had op huursubsidie, hetgeen niet is gebeurd.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en beveelt de Minister om opnieuw te beslissen met inachtneming van de overwegingen. Tevens veroordeelt de rechtbank de Minister tot vergoeding van de proceskosten en griffierecht van eiseres.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en de Minister wordt opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de overwegingen.