ECLI:NL:RBALM:2009:BH0287
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ingezetenschap Nederland bij kinderbijslag door onvoldoende sociale en economische binding
Eiseres, een Nederlandse staatsburger die elf jaar in het buitenland verbleef, vroeg kinderbijslag aan voor haar kinderen. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiseres op de peildatum 1 januari 2008 niet als ingezetene van Nederland werd beschouwd. De kern van het geschil betrof de vraag of eiseres voldoende juridische, sociale en economische binding met Nederland had.
De rechtbank stelde vast dat ondanks de sterke juridische band (Nederlandse nationaliteit), de sociale en economische binding onvoldoende waren. Eiseres was pas sinds 8 oktober 2007 met haar kinderen in Nederland en had slechts een zwakke economische binding, omdat zij geen arbeid verrichtte en financieel afhankelijk was van een bijstandsuitkering. De sociale binding was nog in opbouw, gezien de korte verblijfsduur en beperkte deelname aan sociale activiteiten.
Hoewel verweerder niet volledig gemotiveerd was over de verklaring van eiseres voor inwoning bij haar vader, oordeelde de rechtbank dat dit de uitkomst niet veranderde. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit, maar liet de rechtsgevolgen daarvan in stand. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: Eiseres was op 1 januari 2008 geen ingezetene van Nederland en had geen recht op kinderbijslag, maar het besluit werd vernietigd wegens onvoldoende motivering.