ECLI:NL:RBALM:2012:BY4498
Rechtbank Almelo
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Taalman
- Rechtspraak.nl
Betaling verbrekingsvergoeding kleine ondernemer na tussentijdse beëindiging overeenkomst
In deze zaak staat centraal of de kleine ondernemer, exploitant van een camping, gehouden is tot betaling van een in de overeenkomst opgenomen verbrekingsvergoeding van 60% van de resterende maandtermijnen bij tussentijdse beëindiging.
De ondernemer had de overeenkomst kort na het sluiten beëindigd wegens vermeende wanprestatie van Proximedia, maar de rechtbank oordeelde dat geen sprake was van wanprestatie omdat de ondernemer zelf de domeinnaam had overgenomen waardoor oplevering website onmogelijk werd. De reflexwerking van de Colportagewet werd verworpen omdat de ondernemer niet als consument kwalificeerde.
De rechtbank kwalificeerde het verbrekingsbeding als algemene voorwaarde en oordeelde dat het beding niet onredelijk bezwarend was, mede gelet op de investeringen van Proximedia en de financiële onderbouwing. De gevorderde buitengerechtelijke kosten werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De ondernemer werd veroordeeld tot betaling van € 4.873,05 plus wettelijke rente en proceskosten.
Uitkomst: De ondernemer is gehouden tot betaling van 60% verbrekingsvergoeding en wettelijke rente, met afwijzing van buitengerechtelijke kosten.