ECLI:NL:RBAMS:2002:AE7569
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.M. van den Bergh
- S. van Eunen
- M.J.E. Geradts
- Rechtspraak.nl
Heropening en schorsing onderzoek in KB Lux bankgeheim strafzaak wegens onvolledig onderzoek
In deze strafzaak tegen verdachte heeft de rechtbank Amsterdam vastgesteld dat het onderzoek niet volledig was, omdat onvoldoende duidelijkheid bestond over de wijze waarop Belgische autoriteiten rekeninggegevens van KB Lux hadden verkregen. De verdediging voerde aan dat deze gegevens mogelijk onrechtmatig waren verkregen, wat een schending van het Luxemburgse bankgeheim en het EVRM zou kunnen betekenen.
De rechtbank overweegt dat zij in beginsel niet gehouden is de rechtmatigheid van buitenlandse opsporingsmethoden te toetsen, tenzij er sterke aanwijzingen zijn voor schendingen die verdachte raken. Gezien het verslag van het Vast Comité van Toezicht op de Politiediensten en de aangevoerde feiten acht de rechtbank nader onderzoek noodzakelijk.
De rechtbank beveelt een gedetailleerd proces-verbaal waarin de wijze van verkrijging van de gegevens wordt toegelicht, met bijzondere aandacht voor eventuele kennis van Nederlandse autoriteiten. Tevens wijst de rechtbank op de noodzaak van voortvarendheid en stelt zij een termijn van vier maanden voor de hervatting van de terechtzitting.
Daarnaast verwierp de rechtbank het beroep op het gelijkheidsbeginsel door de verdediging, aangezien het OM objectieve criteria hanteerde bij de selectie van strafrechtelijke vervolging in de KB Lux-affaire. De rechtbank besluit het onderzoek te heropenen en te schorsen, met het oog op het aanvullend onderzoek.
Uitkomst: Onderzoek wordt heropend en geschorst voor nader onderzoek naar rechtmatigheid van verkregen bankgegevens.