ECLI:NL:RBAMS:2005:AT0234
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.H. de Vries
- A.M.I. van der Does
- W.A.C. Crijns-van der Graaf
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte kogelbrief Marcanti-college wegens onvoldoende bewijs
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het verzenden van een dreigbrief met een kogel aan het Marcanti-college. De tenlastelegging werd tijdens de terechtzitting gewijzigd, maar de rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om de schuld van verdachte wettig en overtuigend vast te stellen.
De rechtbank stelde vast dat niet aannemelijk was geworden dat verdachte zich bewust was van het feit dat het plan om een dreigbrief met kogel te versturen daadwerkelijk zou worden uitgevoerd. Hierdoor kon niet bewezen worden dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan het ten laste gelegde.
Op basis van deze bevindingen verklaarde de rechtbank het ten laste gelegde niet bewezen en sprak verdachte vrij. Tevens werd het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven. De uitspraak werd gedaan door de vierde meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam op 14 maart 2005.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.