ECLI:NL:RBAMS:2005:AU0586
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Benoeming en instructie van deskundige in RSI-zaak met vragenlijst en procedurele bepalingen
In deze civiele bodemzaak betreffende RSI-klachten heeft de Rechtbank Amsterdam op 20 juli 2005 een vonnis gewezen waarin een deskundige is benoemd om medisch onderzoek te verrichten. De deskundige, een orthopedisch chirurg, krijgt een uitgebreide vragenlijst voorgelegd die betrekking heeft op anamnese, lichamelijk onderzoek, diagnose, de relatie tussen klachten en werkomstandigheden, prognose en functieverlies.
Partijen, aangeduid als A (eiseres) en B (gedaagde), hebben geen bezwaar tegen de benoeming van de deskundige. De rechtbank stelt de vragen vast omdat partijen daarover geen overeenstemming bereikten. De deskundige dient het onderzoek zelfstandig uit te voeren, partijen in de gelegenheid te stellen opmerkingen te maken en deze in het rapport te verwerken.
Verder bepaalt de rechtbank dat partijen ieder voor de helft een voorschot op de kosten van het deskundigenonderzoek betalen. De zaak wordt aangehouden en op de parkeerrol geplaatst in afwachting van het deskundigenbericht, waarna partijen de mogelijkheid krijgen conclusies te nemen. De procedure bevat ook regels over het uitwisselen van stukken en het tijdstip van inlevering van het deskundigenbericht.
Uitkomst: De rechtbank benoemt een deskundige en stelt de vragen vast voor het medisch onderzoek in de RSI-zaak, met procedurele bepalingen voor kosten en rapportage.