ECLI:NL:RBAMS:2006:AY2632
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J.R.M. Vermolen
- B.M. Vroom-Cramer
- J.L. Hillenius
- Rechtspraak.nl
Toestemming tot overlevering van verdachte aan Oostenrijk op grond van Europees aanhoudingsbevel
De rechtbank Amsterdam behandelde op 7 juli 2006 de vordering tot overlevering van een verdachte aan Oostenrijk op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Het EAB betrof strafbare feiten die in Oostenrijk waren gepleegd, namelijk diefstal en oplichting. De verdachte, met Nederlandse nationaliteit, werd verdacht van zes strafbare feiten, waarvan twee kwalificaties in het EAB waren genoemd.
De rechtbank oordeelde dat het EAB voldeed aan de eisen van de Overleveringswet (OLW), met voldoende specificatie van tijd, plaats en rol van de verdachte. De verdediging stelde dat de feiten ook in Nederland waren gepleegd, maar dit werd verworpen. Tevens werd een terugkeergarantie gegeven door de Oostenrijkse autoriteiten, waardoor de verdachte de opgelegde straf in Nederland kan uitzitten.
De rechtbank concludeerde dat aan alle wettelijke vereisten was voldaan en wees de overlevering toe. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank Amsterdam staat de overlevering van de verdachte aan Oostenrijk toe op grond van het Europees aanhoudingsbevel.