ECLI:NL:RBAMS:2006:BC1645
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toestemming overlevering voor tenuitvoerlegging vrijheidsstraf, weigering overlevering confiscation order
De Rechtbank Amsterdam behandelde op 15 december 2006 een verzoek tot overlevering van een Britse onderdaan aan het Verenigd Koninkrijk op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Het EAB betrof de tenuitvoerlegging van een resterende vrijheidsstraf van 33 maanden, opgelegd door de Birmingham Crown Court, en een confiscation order van £1.642.667,-.
De verdachte betwistte de overlevering op grond van artikel 6 van Pro de Overleveringswet (OLW), stellende dat hij in Nederland vervolgd kan worden en dat het Engelse aanhoudingsbevel onrechtmatig is. De rechtbank oordeelde dat Nederland geen rechtsmacht heeft voor de feiten en dat de rechtmatigheid van het Engelse aanhoudingsbevel niet door de Nederlandse rechter kan worden getoetst.
De rechtbank wees de overlevering voor de confiscation order af, omdat deze niet valt onder de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf en daarmee niet binnen de reikwijdte van de OLW valt. Voor het restant van de vrijheidsstraf werd de overlevering wel toegestaan. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering toe voor de resterende vrijheidsstraf van 33 maanden en weigert de overlevering voor de confiscation order.