ECLI:NL:RBAMS:2007:BA4497
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.W.K. van der Valk Bouman
- M.L.D. Akkaya
- M.R. Jöbsis
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid toezichthouder De Nederlandsche Bank wegens falend toezicht op VVG
De Verenigingen van Eigenaren van verschillende appartementencomplexen hebben DNB en BDO aansprakelijk gesteld wegens schade veroorzaakt door het faillissement van VVG, waarbij DNB als toezichthouder werd verweten onvoldoende toezicht te hebben gehouden.
De rechtbank analyseerde het toezichtskader van DNB op basis van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 en concludeerde dat DNB een ruime beleidsvrijheid toekomt en dat zij niet gehouden is tot een vergaande controle op de administratie van VVG. DNB had tijdig maatregelen genomen, onder meer door het eisen van harde zekerheden voor de lening aan GE Woningen en het uitvoeren van een onderzoek in oktober 2001.
De rechtbank stelde vast dat VVG tot 2002 voldeed aan de financiële vereisten en dat DNB niet eerder aanleiding had tot ingrijpende maatregelen. Klachten van derden werden opgevolgd en de lening aan GE Woningen werd als ongeoorloofd nevenbedrijf aangemerkt. De vorderingen jegens DNB werden afgewezen wegens het ontbreken van onzorgvuldig handelen en causaal verband met het faillissement.
De vordering jegens BDO werd eerder afgewezen. De Verenigingen werden veroordeeld in de proceskosten van DNB en BDO. Het vonnis werd gewezen door drie rechters en op 25 april 2007 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de Verenigingen jegens DNB af wegens het ontbreken van onzorgvuldig toezicht en causaal verband met het faillissement.