ECLI:NL:RBAMS:2007:BA8533
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.J.M. Baldinger
- O.L.H.W.I. Korte
- J.J. Jonkers
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens illegale tewerkstelling in vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid
Verweerder legde eiser een bestuurlijke boete van €168.000 op wegens het aantreffen van 21 vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning bij eiser, een vennootschap onder firma (VOF). Eiser betwistte niet de overtredingen, maar de hoogte van de boete. De rechtbank oordeelde dat de VOF als rechtspersoon moet worden aangemerkt voor boetebepaling, conform eerdere jurisprudentie.
De rechtbank stelde vast dat beleidsregel 4, die de boete berekent als een optelsom van boetes per overtreding zonder maximum, kennelijk onredelijk is en in strijd met artikel 6 EVRM Pro en artikel 3:4 Awb Pro. Dit beleid negeert omstandigheden zoals verwijtbaarheid en bijzondere omstandigheden. Beleidsregel 2, die onderscheid maakt tussen natuurlijke personen en rechtspersonen, werd niet onredelijk bevonden.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en stelde zelf de boete vast op €40.000, rekening houdend met de ernst van de overtreding, de mate van verwijtbaarheid, omstandigheden waaronder de overtreding plaatsvond, en bijzondere omstandigheden zoals het ontbreken van eerdere overtredingen en het feit dat de meeste werknemers Poolse onderdanen waren met verblijfsrecht. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en werd het griffierecht aan eiser vergoed.
Uitkomst: De boete wordt vastgesteld op €40.000 wegens kennelijk onredelijk beleid bij de oorspronkelijke boetebepaling.