ECLI:NL:RBAMS:2007:BA9437
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete opgelegd wegens vermeende overtreding Wet arbeid vreemdelingen vernietigd
Eiseres kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens het vermeende laten verrichten van arbeid door een vreemdeling zonder tewerkstellingsvergunning, in strijd met artikel 2 van Pro de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Eiseres betwistte dit en voerde aan dat zij niet als werkgever in de zin van de Wav kan worden beschouwd omdat zij geen opdracht heeft gegeven en niet op de hoogte was van de inzet van de vreemdeling.
De rechtbank heeft het begrip 'laten verrichten van arbeid' onderzocht en oordeelde dat hiervoor een wilsbesluit van de werkgever vereist is. Aangezien eiseres niet heeft gewild dat de vreemdeling arbeid verrichtte en haar werknemer niet bevoegd was om namens haar derden in te schakelen, kan eiseres niet als werkgever worden aangemerkt. Het enkele feit dat zij mogelijk voordeel had bij de arbeid is onvoldoende.
Daarmee is niet voldaan aan de voorwaarden voor het opleggen van een bestuurlijke boete. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en verklaarde het beroep van eiseres gegrond. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en werd het griffierecht aan eiseres vergoed.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen wordt vernietigd omdat eiseres niet als werkgever kan worden aangemerkt.