ECLI:NL:RBAMS:2007:BB6263
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.P.J. de Graaf
- C.C.W. Lange
- C.G. Meeder
- Rechtspraak.nl
Inhouding premies zorgverzekering niet in strijd met eigendomsrecht volgens artikel 1 EP
Eiser, woonachtig in het buitenland, ontving een WAO-uitkering waarop premies voor de Zfw en AWBZ werden ingehouden. Hij stelde dat deze inhoudingen onrechtmatig waren en in strijd met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol (EP) bij het EVRM, omdat hij niet had gekozen voor deze verzekering en de premieheffing disproportioneel zou zijn.
De rechtbank verwees naar een eerdere uitspraak van december 2005 waarin werd geoordeeld dat de premieheffing een ontneming van eigendom is, maar gerechtvaardigd is door het algemeen belang en de proportionaliteit. De invoering van de woonlandfactor per 1 januari 2006, die premies voor in het buitenland wonende uitkeringsgerechtigden verlaagt, leidt volgens de rechtbank niet tot een ander oordeel over de proportionaliteit van de voor die datum geheven premies.
De rechtbank concludeerde dat de premies op grond van dwingendrechtelijke bepalingen moesten worden ingehouden en dat het beroep van eiser ongegrond was. De inhouding van premies was gebaseerd op een wettelijke grondslag, diende een legitiem algemeen belang en was proportioneel, mede gelet op de aanspraken op zorg die tegenover de premie stonden.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet ontvankelijk en het beroep tegen het tweede besluit ongegrond. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de inhouding van premies voor de Zfw en AWBZ op zijn WAO-uitkering wordt ongegrond verklaard.