ECLI:NL:RBAMS:2007:BB7161
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid gemeente voor aanrijding tram en voetganger bij Damrak Amsterdam
Op 3 juni 1994 werd eiseres aangereden door een tram bestuurd door een medewerker van de gemeente Amsterdam op het Damrak. Eiseres liep ernstig letsel op en verloor haar ongeboren kind. De rechtbank constateert dat eiseres een voorrangsfout beging door de trambaan over te steken zonder voorrang te verlenen aan de tram. Tegelijkertijd rust op de trambestuurder een zware zorgvuldigheidsplicht vanwege de kwetsbaarheid van voetgangers.
De trambestuurder reed naar eigen zeggen met een snelheid tussen 30 en 45 km/uur en gaf meerdere belsignalen, maar remde pas laat. Getuigen verklaren dat de tram relatief snel reed en dat de bestuurder onvoldoende tijdig heeft gereageerd. De rechtbank stelt vast dat de voorrangsfout van eiseres niet zo onwaarschijnlijk was dat de bestuurder er geen rekening mee hoefde te houden. Hierdoor is het handelen van de trambestuurder onrechtmatig.
De gemeente is op grond van artikel 6:170 BW Pro aansprakelijk voor het handelen van haar medewerker. De rechtbank wijst de gemeente aan als aansprakelijke partij voor ten minste de helft van de schade. De mate van aansprakelijkheid hangt mede af van de exacte snelheid van de tram, die eiseres mag bewijzen. De rechtbank geeft een voorlopige inschatting van de aansprakelijkheid en houdt verdere beslissing aan om bewijslevering mogelijk te maken.
Uitkomst: De gemeente is aansprakelijk voor ten minste de helft van de schade; bewijslevering over snelheid tram wordt toegelaten en verdere beslissing aangehouden.