ECLI:NL:RBAMS:2008:BD6188
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.M. van den Bergh
- W.F. Korthals Altes
- M.D. Ruizeveld
- Rechtspraak.nl
Veroordeling handelen met voorwetenschap en mededeling daarvan bij aandelen TIE Holding
De rechtbank Amsterdam heeft op 26 juni 2008 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte wegens handelen met voorwetenschap en het mededelen daarvan bij transacties in aandelen TIE Holding NV. Verdachte verkocht tussen 17 juni en 1 augustus 2003 in totaal 150.783 aandelen TIE terwijl hij beschikte over koersgevoelige, niet-openbare informatie over de voorgenomen verkoop van een bedrijfsonderdeel, TIE Commerce.
De feiten zijn vastgesteld aan de hand van dossierstukken, getuigenverklaringen en e-mails, waaronder een e-mail van verdachte zelf waarin hij koersgevoelige ontwikkelingen binnen TIE aankondigde. Verdachte had op 21 juli 2003 een bespreking met de CEO en CIO van TIE, waarna hij vanaf 22 juli 2003 aandelen verkocht met kennis van de voorgenomen verkoop. Tevens heeft verdachte deze voorwetenschap gedeeld met een goede kennis en huisvriend, die eveneens aandelen verkocht.
De rechtbank concludeerde dat verdachte zich schuldig maakte aan overtreding van artikel 46 en Pro 46a van de Wet toezicht effectenverkeer 1995. Verdachte handelde bewust en beoogde financieel voordeel te behalen. Gezien de ernst van de feiten en het persoonlijke belang van verdachte werd een geldboete van €21.000 opgelegd en een taakstraf van 100 uur, deels voorwaardelijk. Gezien het ontbreken van eerdere veroordelingen en het tijdsverloop werd geen gevangenisstraf opgelegd.
De uitspraak benadrukt het belang van eerlijke en gelijke informatieverstrekking op de effectenmarkt en de schadelijkheid van handelen met voorwetenschap voor het vertrouwen van beleggers en de economie.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €21.000 en een taakstraf van 100 uur wegens handelen met voorwetenschap en het mededelen daarvan.