ECLI:NL:RBAMS:2008:BG6164
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.A.E. Wijnker
- C.C.W. Lange
- T. van Muijden
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op aanvullende uitkering na ziektewetperiode en WGA-uitkering
Eiseres was sinds 1 juni 2001 in dienst bij de Raad voor Werk en Inkomen en meldde zich ziek op 6 september 2004. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden per 1 april 2005. Eiseres ontving een bovenwettelijke ziektewetuitkering van 1 april 2005 tot 3 september 2006. Vanaf 4 september 2006 ontving zij een WGA-uitkering.
Eiseres vorderde een aanvullende uitkering op grond van het Besluit Bovenwettelijke uitkeringen bij werkloosheid voor de sector Rijk (BWR), stellende dat zij recht had op een aansluitende uitkering na afloop van de ziektewetuitkering. De rechtbank oordeelde dat het BWR alleen voorziet in aanvullende uitkeringen tijdens een Werkloosheidswet- of Ziektewet-uitkering, en dat een WGA-uitkering hier niet onder valt.
De rechtbank verwierp het beroep en overwoog dat het niet mogelijk is om het BWR zelf aan te vechten in deze procedure. Ook werd geoordeeld dat de regeling geen ernstige schending van algemene rechtsbeginselen oplevert die een aanvullende uitkering zou rechtvaardigen. Het verzoek om uitspraak over het invaliditeitspensioen werd buiten beschouwing gelaten omdat dit niet binnen het geding viel en eiseres dit pensioen reeds ontving.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van recht op aanvullende uitkering na afloop van de ziektewetuitkering.