ECLI:NL:RBAMS:2008:BG9033
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering herroeping vonnis huurovereenkomst wegens ontbreken bedrog
Eiser woonde vanaf 1 maart 2007 in een woning van gedaagde en meende een huurovereenkomst te hebben, maar gedaagde betwistte dit. Na een procedure werd de vermeende huurovereenkomst ontbonden en eiser veroordeeld tot ontruiming en betaling van huurachterstand. Eiser stelde dat gedaagde bedrog had gepleegd door onterecht te stellen dat er een huurovereenkomst bestond en verzocht om herroeping van het vonnis.
De rechtbank oordeelde dat de termijn voor het instellen van herroeping correct was aangehouden en dat eiser tijdig zijn vordering had ingediend. Echter, het enkele feit dat gedaagde een onjuiste grondslag voor zijn vordering had ingenomen, kwalificeert niet als bedrog in de zin van artikel 382 Rv Pro. Ook een vermeende toezegging tot intrekking van de dagvaarding, indien al gedaan, kan niet worden aangemerkt als bedrog dat herroeping rechtvaardigt.
De rechtbank concludeerde dat het middel van herroeping niet kan worden gebruikt om alsnog verweer te voeren dat eerder had kunnen worden ingebracht via reguliere rechtsmiddelen zoals hoger beroep. Daarom wees de rechtbank de vordering tot herroeping af en veroordeelde eiser in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot herroeping van het vonnis wordt afgewezen wegens ontbreken van bedrog.