ECLI:NL:RBAMS:2008:BH0267
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek tot ontruimingsbescherming wegens niet aangezegde ontruiming
De rechtbank Amsterdam behandelde een verzoek tot ontruimingsbescherming van drie huurders die atelierruimte onderverhuurden van een stichting die op haar beurt huurde van de gemeente Amsterdam. De hoofdhuurovereenkomst tussen de gemeente en de stichting liep af, en de stichting gaf aan haar activiteiten te willen beëindigen. De huurders vorderden ontruimingsbescherming omdat zij meenden dat de ontruimingstermijn nog niet was aangevangen.
De kantonrechter oordeelde dat de onderhuurovereenkomsten op zichzelf staan en dat het beëindigen van de hoofdhuurovereenkomst niet automatisch het gebruiksrecht van de onderhuurders beëindigt. De kernvraag was of de ontruiming schriftelijk was aangezegd, wat een vereiste is om de wettelijke termijn van twee maanden voor het verzoek tot ontruimingsbescherming te laten lopen.
Omdat de verhuurder de ontruiming nog niet schriftelijk had aangezegd, was de wettelijke termijn niet gestart en waren de verzoekers te vroeg met hun verzoek. Daarom verklaarde de rechtbank hen niet-ontvankelijk. Tevens werd vastgesteld dat de proceskosten nihil werden begroot, mede omdat de verhuurder niet was verschenen.
Uitkomst: Verzoekers worden niet-ontvankelijk verklaard omdat de ontruiming schriftelijk nog niet is aangezegd.