ECLI:NL:RBAMS:2008:BH0269
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanspraak invaliditeitspensioen en premievrije pensioenopbouw na beëindiging dienstverband
Eiser was van 1984 tot 31 december 2001 in dienst bij KLM en deelnemer aan het Pensioenfonds KLM Cabinepersoneel. Hij werd op 17 juli 2001 gedetineerd en zijn arbeidsovereenkomst eindigde op 31 december 2001. Eiser vroeg invaliditeitspensioen, premievrije pensioenopbouw en WAO-hiaatverzekering toe te kennen, met terugwerkende kracht vanaf 18 juli 2002 of subsidiair vanaf 16 maart 2005.
De rechtbank overwoog dat het Pensioenreglement 1998 het deelnemerschap beëindigt bij het einde van het dienstverband, tenzij sprake is van premievrije voortzetting wegens arbeidsongeschiktheid. Omdat eiser op 31 december 2001 geen invaliditeitspensioen ontving en geen recht had op premievrije pensioenopbouw, was het deelnemerschap geëindigd. Hierdoor kon hij na die datum geen aanspraak maken op invaliditeitspensioen of premievrije opbouw.
De rechtbank oordeelde dat de detentieperiode niet leidde tot een gunstiger positie voor eiser. Ook de vordering tot toekenning van de WAO-hiaatverzekering werd afgewezen omdat eiser op 31 december 2002 geen deelnemer meer was. Eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Vordering tot invaliditeitspensioen, premievrije pensioenopbouw en WAO-hiaatverzekering wordt afgewezen omdat deelnemerschap eindigde bij beëindiging arbeidsovereenkomst.