ECLI:NL:RBAMS:2008:BH5646
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en beroepsfout advocaat bij schaatsongeval met partiële dwarslaesie
Op 3 november 1990 vond een schaatsongeval plaats tijdens een onderlinge wedstrijd georganiseerd door IJsclub Zoeterwoude en Rijnsburgse IJsclub, waarbij eiseres [A] ten val kwam en een partiële dwarslaesie opliep. De rechtbank stelde vast dat beide ijsclubs gezamenlijk verantwoordelijk waren voor de veiligheid op de ijsbaan en dat de Rijnsburgse IJsclub tekort was geschoten in haar zorgplicht door onvoldoende veiligheidsmaatregelen te treffen, met name het ontbreken van kussens op het rechte stuk na de bocht waar het ongeval gebeurde.
De rechtbank oordeelde dat de Rijnsburgse IJsclub onrechtmatig had gehandeld en aansprakelijk was voor de door [A] geleden schade. Tevens werd vastgesteld dat advocaat [B] een beroepsfout had gemaakt door niet tijdig hoger beroep in te stellen tegen het vonnis van de rechtbank ’s-Gravenhage, waardoor [A] schade had geleden.
De aansprakelijkheid van de Rijnsburgse IJsclub werd gematigd tot het verzekerde bedrag van NLG 1.000.000. Bureau Pals werd niet aansprakelijk gehouden voor de beroepsfout van [B]. De rechtbank veroordeelde [B] en Houkes hoofdelijk tot betaling van de schadevergoeding en in de proceskosten, terwijl Bureau Pals werd veroordeeld in de proceskosten van de vrijwaringszaak.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt advocaat en Houkes tot schadevergoeding aan eiseres wegens beroepsfout, met matiging tot verzekerde som van NLG 1.000.000, en wijst vorderingen tegen Bureau Pals af.