ECLI:NL:RBAMS:2009:BK4115
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens schending Salduz-recht minderjarige verdachte en veroordeling voor schuldheling bromfiets
In deze strafzaak heeft de kinderrechter te Amsterdam op 13 november 2009 uitspraak gedaan over een minderjarige verdachte die werd verdacht van diefstal met geweld en schuldheling van een bromfiets.
De verdediging voerde een Salduz-verweer aan, stellende dat de minderjarige verdachte geen afstand had kunnen doen van zijn recht op bijstand van een advocaat voorafgaand aan het eerste verhoor, omdat hij pas na het verhoor een advocaat sprak. De officier van justitie erkende dat de afstandsverklaring mogelijk niet met voldoende waarborgen was omkleed, waardoor sprake was van een vormverzuim dat leidde tot uitsluiting van de verklaring van verdachte.
De kinderrechter oordeelde dat minderjarige verdachten geen afstand kunnen doen van het recht op consultatie van een advocaat vóór het eerste verhoor, een fundamenteel recht dat niet mag worden opgegeven. Omdat verdachte dit recht niet had kunnen uitoefenen, werd zijn verklaring uitgesloten en werd hij vrijgesproken van het tenlastegelegde diefstal met geweld.
Voor het subsidiaire feit van schuldheling van een bromfiets werd verdachte wel wettig en overtuigend bewezen gehouden. De kinderrechter legde een werkstraf van 20 uur op met een vervangende jeugddetentie van 10 dagen bij niet-naleving. De strafoplegging hield rekening met de ernst van het feit, de maatschappelijke impact en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.
Uitkomst: Verdachte werd vrijgesproken van diefstal wegens schending Salduz-recht en veroordeeld tot een werkstraf voor schuldheling van een bromfiets.