ECLI:NL:RBAMS:2009:BK4980
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.C. Boeree
- A.R.P.J. Davids
- W.J. van Bennekom
- Rechtspraak.nl
Toestemming overlevering Nederlander aan Frankrijk ondanks verstekvonnis en dubbele strafbaarheid
De rechtbank Amsterdam behandelde een verzoek tot overlevering van een Nederlandse verdachte aan Frankrijk op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) wegens deelneming aan een criminele organisatie en illegale handel in verdovende middelen.
De verdachte was bij verstek veroordeeld door een Franse rechtbank tot drie jaar gevangenisstraf, maar dit vonnis was niet onherroepelijk omdat het nog niet rechtsgeldig was betekend en de termijn voor verzet nog niet was verstreken. De rechtbank oordeelde dat dit geen belemmering vormde voor overlevering, mede omdat de Franse autoriteiten garanties hadden gegeven dat de verdachte zijn straf in Nederland kan uitzitten.
De verdediging voerde onder meer aan dat de Nederlandse implementatie van het Kaderbesluit Europees Aanhoudingsbevel onjuist was en dat de Franse betekeningspraktijk discriminerend was, maar deze verweren werden verworpen. Ook werd geoordeeld dat overlevering niet in strijd is met het EVRM, aangezien de verdachte na overlevering de mogelijkheid heeft om verzet aan te tekenen en een eerlijk proces te krijgen.
Hoewel de feiten deels in Nederland waren gepleegd, werd op grond van de goede rechtsbedeling afgezien van de weigeringsgrond. De rechtbank besloot de overlevering toe te staan en wees verzoeken tot aanhouding van de procedure af.
Uitkomst: De rechtbank staat de overlevering van de Nederlandse verdachte aan Frankrijk toe ondanks het niet-onherroepelijke verstekvonnis.