ECLI:NL:RBAMS:2010:BL9935
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in WAO-procedure
Eiser was sinds maart 2003 arbeidsongeschikt en kreeg aanvankelijk geen WAO-uitkering toegekend. Na bezwaar en beroep werd de uitkering uiteindelijk toegekend met een hogere mate van arbeidsongeschiktheid. Eiser verzocht om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn van de procedure. Verweerder kende €500,- toe vanwege overschrijding in de bezwaarprocedure.
Eiser was het niet eens met de hoogte van de vergoeding en wilde ook de Staat betrekken wegens vertraging in de beroepsprocedure. De rechtbank oordeelde dat het schadebesluit alleen betrekking kon hebben op het handelen van verweerder en dat de Staat niet in de procedure betrokken kon worden. Daarnaast was er geen vermoeden van overschrijding door de rechter in de schadebesluitprocedure.
De rechtbank stelde vast dat de bezwaarprocedure ruim tien maanden duurde, wat de redelijke termijn overschreed met vier maanden, rechtgevend op €500,- schadevergoeding. Het beroep tegen dit besluit werd ongegrond verklaard en het verzoek tot betrekken van de Staat afgewezen.
Uitkomst: Beroep tegen schadebesluit wegens overschrijding redelijke termijn wordt ongegrond verklaard en vergoeding van €500,- bevestigd.