ECLI:NL:RBAMS:2010:BM0047
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bouwvergunning wegens onjuiste toepassing overgangsrecht en weigering vergunning
De rechtbank Amsterdam behandelde het beroep tegen een bouwvergunning voor het wijzigen van een kas in een berging. De vergunning was verleend onder toepassing van overgangsrecht, maar de rechtbank oordeelde dat dit niet juist was omdat feitelijk een geheel nieuwe berging werd gebouwd, waarbij slechts vier spanten van de oude kas werden gehandhaafd, waarvan drie niet op de oorspronkelijke plaats.
Verzoeker maakte bezwaar tegen de vergunning en stelde dat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan. De rechtbank stelde vast dat het bouwplan inderdaad in strijd was met artikel 8.2 van de bestemmingsplanvoorschriften en dat het overgangsrecht niet van toepassing was. Hierdoor werd het bestreden besluit van 1 december 2009 vernietigd.
De rechtbank besloot zelf in de zaak te voorzien door het besluit van 10 maart 2009 te herroepen en de bouwvergunning te weigeren. Tevens werd het beroep tegen het eerdere besluit ongegrond verklaard en het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen.
De gemeente werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht aan verzoeker. De uitspraak kan in hoger beroep worden aangevochten bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de bouwvergunning en wijst de aanvraag af wegens onjuiste toepassing van het overgangsrecht.