ECLI:NL:RBAMS:2010:BO1207
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering dringend eigen gebruik wegens onvoldoende renovatiegrond
Eiser verhuurt sinds 1971 een woning aan gedaagde. Eiser heeft de huurovereenkomst opgezegd wegens dringend eigen gebruik met het oog op renovatie en bewoning door zijn dochter die mantelzorg kan verlenen. Eiser bracht rapporten en een renovatieplan in, waarin achterstallig onderhoud en renovatiewerkzaamheden werden beschreven. Gedaagde betwist de noodzaak van renovatie en het dringende eigen gebruik.
De kantonrechter oordeelt dat het achterstallig onderhoud niet als renovatie in de zin van de wet kan worden aangemerkt. Het renovatieplan betreft wel renovatie, maar eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat er een bouwkundige of financiële noodzaak is voor deze renovatie. Ook het eigen belang van eiser om de woning aan zijn dochter te laten bewonen wordt onvoldoende onderbouwd, omdat er geen sprake is van een huidige verzorgingsbehoefte.
De belangenafweging komt daardoor niet aan de orde en de vordering wordt afgewezen. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten van gedaagde. De uitspraak werd gedaan door kantonrechter F. van der Hoek op 20 mei 2010.
Uitkomst: De vordering tot beëindiging van de huurovereenkomst wegens dringend eigen gebruik wordt afgewezen.