ECLI:NL:RBAMS:2010:BO4731
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.M. van den Bergh
- M. Vaandrager
- B.C. Langendoen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens moord op crèche-eigenaresse in Amsterdam
Op 10 augustus 2009 werd de 32-jarige eigenaresse van het kinderdagverblijf 'Moeders Schoot' in Amsterdam op klaarlichte dag meermalen met een mes gestoken en overleed aan haar verwondingen. Verdachte werd aangehouden en beschuldigd van deze moord en een eerdere steekpartij op 5 juni 2009.
Het bewijs tegen verdachte bestond uit getuigenverklaringen, waaronder verklaringen van ooggetuigen die verdachte kort voor het incident op de plaats delict zagen, verklaringen dat verdachte de daad had bekend in een café, historische telefoongegevens die zijn vlucht naar Duitsland bevestigen, en DNA-onderzoek dat verdachte niet uitsloot als donor van celmateriaal op het mes. De verdediging voerde aan dat de bewijsvoering gebrekkig was, onder meer vanwege onbetrouwbare fotoconfrontaties en alternatieve scenario's, maar de rechtbank verwierp deze verweren.
De rechtbank oordeelde dat verdachte met voorbedachten rade handelde, gezien zijn voorbereidingen en de wijze van de moord. Verdachte werd vrijgesproken van de poging tot zware mishandeling wegens onvoldoende bewijs voor opzet, maar wel veroordeeld voor de lichtere mishandeling. De strafmaat werd vastgesteld op 22 jaar gevangenisstraf, lager dan de geëiste 25 jaar, met inachtneming van de ernst van het delict, de impact op de nabestaanden en de maatschappij, en de eerdere veroordeling van verdachte in Turkije.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 22 jaar gevangenisstraf voor moord en mishandeling, vrijgesproken van poging zware mishandeling.