ECLI:NL:RBAMS:2010:BO6943
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in WAO-procedure
Eiser heeft sinds 1989 geprobeerd zijn rechten op Ziektewet en WAO veilig te stellen. Na een langdurige procedure, waarbij het primaire besluit van 15 oktober 2009 een schadevergoeding van €3.000 toekende wegens overschrijding van de redelijke termijn, stelde verweerder dit bij het bestreden besluit op €6.000.
De rechtbank stelt vast dat de redelijke termijn is overschreden met bijna twaalf jaar, gerekend vanaf het bezwaarschrift van 10 november 1998 tot de uitspraak van 15 oktober 2010. De overschrijding is volledig toe te rekenen aan verweerder, aangezien er geen onrechtmatige vertraging door rechterlijke instanties is geweest.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en herroept het primaire besluit. Op grond van jurisprudentie wordt de schadevergoeding vastgesteld op €500 per half jaar overschrijding, wat neerkomt op €8.000. De rechtbank wijst het hogere bedrag van eiser af, omdat hij voor 1998 geen rechtsmiddel heeft aangewend en het tarief niet verhoogd wordt bij langere overschrijding.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht. De uitspraak kan binnen zes weken worden aangevochten bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Eiser krijgt een schadevergoeding van €8.000 wegens overschrijding van de redelijke termijn in de WAO-procedure.