ECLI:NL:RBAMS:2011:BP1791

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
5 januari 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
AWB 10-2011 AOW
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toekenning ouderdomspensioen met terugwerkende kracht per maart 2008

Eiseres, geboren op 8 april 1946, diende op 15 oktober 2009 een aanvraag in voor ouderdomspensioen bij het Belgische verzekeringsorgaan. Haar echtgenoot had in maart 2009 eveneens een aanvraag ingediend. Verweerder kende het ouderdomspensioen toe met terugwerkende kracht vanaf oktober 2008, één jaar terug vanaf de aanvraagdatum.

De rechtbank stelt vast dat de aanvraag van de echtgenoot ook als aanvraag van eiseres kon worden aangemerkt, waardoor volgens verweerder het pensioen met terugwerkende kracht per maart 2008 toegekend had moeten worden. De rechtbank toetst of een langere terugwerkende kracht mogelijk is, maar oordeelt dat geen sprake is van een bijzonder geval dat dit rechtvaardigt.

De rechtbank volgt het standpunt van verweerder en vernietigt het bestreden besluit, herroept het primaire besluit en bepaalt dat het ouderdomspensioen wordt toegekend met terugwerkende kracht vanaf maart 2008. Het bezwaar wordt voor het overige ongegrond verklaard. Tevens wordt het door eiseres betaalde griffierecht vergoed.

Uitkomst: Ouderdomspensioen wordt met terugwerkende kracht toegekend per maart 2008.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM
Sector Bestuursrecht
zaaknummer: AWB 10/2011 AOW
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer op 5 januari 2011 in de zaak tussen
[eiseres],
wonende in [woonplaats],
eiseres,
en
de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank,
verweerder,
gemachtigde: mr. P.C.J. van de Nes
Zitting hebben:
mr. J.H.M. van de Ven, rechter,
mr. G. Panday, griffier,
Beslissing
De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit, herroept het primaire besluit en bepaalt dat het ouderdomspensioen met terugwerkende kracht wordt toegekend per maart 2008;
- verklaart het bezwaar voor het overige ongegrond;
- bepaalt dat deze uitspraak treedt in plaats van het vernietigde besluit;
- bepaalt dat verweerder aan eiseres het door haar betaalde griffierecht van € 41,-- vergoedt.
Overwegingen
Bij het bestreden besluit heeft verweerder ouderdomspensioen toegekend met terugwerkende kracht van één jaar, met ingang van oktober 2008.
Eiseres is op 8 april 2006 65 jaar geworden en zij heeft op 15 oktober 2009 bij het Belgische verzekeringsorgaan een aanvraag om ouderdomspensioen ingediend. Haar echtgenoot heeft in maart 2009 bij het Belgische verzekeringsorgaan een aanvraag om ouderdomspensioen ingediend. De rechtbank stelt vast dat verweerder het bestreden besluit ter zitting niet heeft gehandhaafd ten aanzien van de ingangsdatum van de oudersdomsuitkering omdat uit de aanvraag van de echtgenoot van eiseres bleek van een partner van ouder dan 65 jaar. Zijn aanvraag had volgens verweerder tevens kunnen worden aangemerkt als een aanvraag van eiseres. Dit betekent volgens verweerder dat eiseres, op basis van de regel van terugwerkende kracht van één jaar, met ingang van maart 2008 (in plaats van oktober 2008) recht heeft op een uitkering op grond van de Algemene Ouderdomswet.
De rechtbank zal hierna beoordelen of er aanleiding is om langere terugwerkende kracht toe te kennen. In bijzondere gevallen is verweerder bevoegd om met een langere terugwerkende kracht dan één jaar pensioen toe te kennen. In dit geval is geen sprake van een bijzonder geval. De rechtbank kan zich verenigen met het standpunt van verweerder zoals verwoord in het bestreden besluit, met name omdat onbekendheid met de wet of wettelijke rechten, volgens vaste jurisprudentie, geen grond oplevert voor het aannemen van een bijzonder geval. Daarnaast wijst de rechtbank op de aan de echtgenoot gerichte brief van het Office National des Pensions van 29 maart 2006 waarin uitdrukkelijk staat dat bij het bereiken van de leeftijd van 65 jaar aanspraak op pensioen in Nederland kan worden gemaakt.
Gelet op het voorgaande verklaart de rechtbank het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit, herroept het primaire besluit in die zin dat een ouderdomspensioen wordt toegekend per maart 2008 en verklaart de bezwaren voor het overige ongegrond. Voorts bepaalt de rechtbank dat deze uitspaak in de plaats treedt van het vernietigde besluit en bepaalt dat aan eiseres het door haar betaalde griffierecht wordt vergoed.
Waarvan proces-verbaal,
de griffier de rechter
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending van dit proces-verbaal hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Afschrift verzonden op:
D: B (KR)
SB