ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ4815
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Vrakking
- S.F. van Merwijk
- A.W.H. Vink
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen aandeelhouders tegen Staat en Fortis over overname Fortis Nederlandse onderdelen
De rechtbank Amsterdam heeft op 18 mei 2011 vonnis gewezen in de zaak tussen FortisEffect c.s. en de Staat der Nederlanden en Fortis N.V. over de gang van zaken rondom de overname van de Nederlandse onderdelen van Fortis door de Staat op 3 oktober 2008. FortisEffect c.s. vorderden ongedaanmaking van de verkoop en/of schadevergoeding wegens vermeende onrechtmatigheden en misleiding.
De rechtbank oordeelt dat de Staat der Nederlanden en Fortis N.V. onder de uitzonderlijke en urgente omstandigheden van de financiële crisis handelden binnen de grenzen van redelijkheid en billijkheid. De besluiten van de Raad van Bestuur waren noodzakelijk om de continuïteit van Fortis te waarborgen en konden niet voorafgaand aan een aandeelhoudersvergadering worden goedgekeurd. De prijs van EUR 16,8 miljard voor de overname werd als redelijk beoordeeld door onafhankelijke deskundigen.
Verder is geen sprake van onrechtmatige verkrijging, misleiding of schending van wettelijke bepalingen. De informatievoorziening was adequaat en mede in het belang van de aandeelhouders. De vorderingen van FortisEffect c.s. worden afgewezen, met uitzondering van [eiser sub 4] die niet-ontvankelijk wordt verklaard. FortisEffect c.s. worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst alle vorderingen van FortisEffect c.s. af en verklaart [eiser sub 4] niet-ontvankelijk.