ECLI:NL:RBAMS:2011:BR5768

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
17 augustus 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
13/401817-09
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beëindiging ISD-maatregel wegens geplande uitzetting EU-onderdaan naar Italië

De rechtbank Amsterdam behandelde de voortzetting van de ISD-maatregel van een EU-onderdaan met Italiaanse nationaliteit, die langdurig cocaïneverslaafd is en diverse diefstallen pleegde om zijn levensonderhoud te financieren. De maatregel was opgelegd om repatriëring naar Italië mogelijk te maken.

Tijdens de openbare raadkamer op 3 augustus 2011 werden deskundigen gehoord die bevestigden dat de veroordeelde actief meewerkt aan zijn terugkeer naar Italië en geen verzet toont. De officier van justitie onderschreef het advies tot voortzetting, maar de rechtbank concludeerde dat voortzetting niet langer noodzakelijk is.

De verdediging stelde dat de maatregel onvoldoende inhoudelijk was ingevuld en dat de terugkeer door organisatorische problemen vertraagd werd. De rechtbank achtte echter aannemelijk dat de veroordeelde binnenkort via vreemdelingenbewaring naar Italië zal worden uitgezet, waardoor de ISD-maatregel kan worden beëindigd zonder risico op recidive of onveiligheid.

De rechtbank besloot daarom de ISD-maatregel met ingang van 17 augustus 2011 te beëindigen, waarbij de veroordeelde direct in vreemdelingenbewaring zal worden geplaatst om zijn terugkeer te faciliteren.

Uitkomst: De rechtbank beëindigt de ISD-maatregel per 17 augustus 2011 omdat de veroordeelde zal worden uitgezet naar Italië via vreemdelingenbewaring.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM
Parketnummer: 13/401817-09
BESCHIKKING
Naar aanleiding van het bepaalde bij vonnis van de meervoudige strafkamer in de rechtbank te Amsterdam d.d. 4 mei 2010, betreffende de voortzetting van de tenuitvoerlegging van de bij genoemd vonnis opgelegde maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (hierna: ISD-maatregel) voor de duur van twee jaren aan
[veroordeelde]
geboren te [geboorteplaats] (Israël) op [1960],
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
thans gedetineerd in Penitentiaire Inrichting “De Grittenborgh” te Hoogeveen.
De procesgang.
De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken in de zaak met bovenvermeld parketnummer, waaronder:
- het vonnis van 4 mei 2010 van de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam met parketnummer 13/401817-09;
- het verzoek van 30 mei 2011 van de raadsvrouw van veroordeelde, mr. T.E. Korff, om de voortzetting tussentijds te beoordelen;
- de stand van uitvoering van het verblijfsplan van 13 juli 2011, van P.I. Amsterdam Locatie “Tafelbergweg” ondertekend door [plaatsvervangend vestigingsdirecteur], plaatsvervangend vestigingsdirecteur.
De rechtbank heeft op 3 augustus 2011 de officier van justitie, veroordeelde en zijn raadsvrouw mr. T.E. Korff, advocaat te Amsterdam, alsmede de deskundigen J.T.P. Oud, verbonden als programmamanager ISD aan P.I. Amsterdam, locatie “Tafelbergweg” en J. Doddema, verbonden als trajectcoördinator ISD aan de P.I. “De Grittenborgh” te Hoogeveen, in openbare raadkamer gehoord.
De beoordeling.
Uit de stand van uitvoering van het verblijfsplan d.d. 30 juli 2011 blijkt - zakelijk weergegeven - onder meer het volgende:
De heer [veroordeelde] is een 51-jarige langdurig aan cocaïne verslaafde man met Italiaanse nationaliteit. Hij pleegt diefstallen om in zijn levensonderhoud waarvan gebruik van drugs een onderdeel is, te kunnen voorzien en om onderzoek te krijgen in de vorm van detentie. Betrokkene heeft geen verblijfsstatus. Hierdoor heeft hij geen rechten, hij is ongewenst vreemdeling verklaard.
De heer [veroordeelde] wordt gerepatrieerd naar Italië.
Advies programmamanager: voortzetting van de maatregel.
De deskundigen hebben in openbare raadkamer het schrijven bevestigd en waar nodig aangevuld.
Deskundige J.T.P. Oud heeft in openbare raadkamer onder meer - zakelijk weergegeven- verklaard:
Veroordeelde is vanuit de Tafelbergweg overgeplaatst naar De Grittenborgh als gevolg van nieuwe regelgeving. De Grittenborgh is illegalen gaan opvangen.
Er is bij veroordeelde absoluut niet gebleken van verzet tegen zijn terugkeer. Vanaf het begin wilde hij heel graag meewerken aan zijn terugkeer naar Italië. We hebben overleg gehad met het openbaar ministerie, de vreemdelingenpolitie en de IND om daaraan gevolg te geven. Het verzoek was om een ongewenstverklaring voor veroordeelde te regelen, omdat de Dienst Terugkeer & Vertrek (hierna: DT&V) niet wil meewerken aan vrijwillige terugkeer. Veroordeelde heeft zijn ongewenstverklaring gelijk ondertekend. Voor hem was maar één ding belangrijk: dat hij hier weg kon.
We hadden een brief opgesteld. Het enige wat ontbrak om de maatregel te kunnen opheffen was de handtekening van de Minister. Dan zou de terugkeer van veroordeelde direct geregeld zijn. Op het laatste moment ging dat niet door, omdat veroordeelde in verband met de nieuwe regelgeving overgeplaatst moest worden naar De Grittenborgh. De directeur van De Grittenborgh is nu ook verantwoordelijk voor de ISD-maatregel van veroordeelde.
In de Tafelbergweg ging het heel moeizaam met veroordeelde. Ik ben eigenlijk elke week bij hem langsgegaan om te proberen hem positief te stemmen en gerust te stellen.
Deskundige J. Doddema heeft in openbare raadkamer onder meer - zakelijk weergegeven- verklaard:
We zijn druk bezig om te kijken of we veroordeelde terug naar Italië kunnen laten gaan. De papieren daarvoor zijn ingediend, maar vanwege de vakantie van een aantal collega’s weet ik niet wat de status daarvan nu is. De procedure is heel nieuw - veroordeelde zou de eerste zijn die via de nieuwe regelgeving wordt uitgezet - dus ik kan niet zeggen hoe lang dat in het algemeen duurt.
Het is gunstiger voor veroordeelde om vanuit de ISD-maatregel terug te keren naar Italië dan om de vreemdelingenbewaring in te gaan. Binnen de maatregel zouden contacten kunnen worden aangeboord om veroordeelde op goede wijze te laten terugkeren naar Italië.
Veroordeelde heeft aangegeven dat hij geen hulp nodig heeft bij zijn terugkeer. Het enige wat hij wil is teruggaan. Hij zegt dat hij in Italië bij familie terecht kan. Wij kunnen hem echter altijd nog hulp bieden, als hij die op het laatste moment toch wil. Het is aan veroordeelde om die hulp wel of niet te accepteren.
De directeur van de ISD-instelling is gemandateerd door de minister om de maatregel te beëindigen als veroordeelde klaar is om terug te keren. De directeur kan die beslissing dus zelfstandig nemen. Er kunnen omstandigheden spelen zoals gevaar voor veroordeelde of zijn gezondheidstoestand, op grond waarvan de directeur beslist dat de maatregel niet zal worden beëindigd.
De officier van justitie heeft in openbare raadkamer onder meer - zakelijk weergegeven - verklaard zich te kunnen vinden in het advies en voortzetting van de ISD-maatregel noodzakelijk te achten.
Door de raadsvrouw is in openbare raadkamer het volgende naar voren gebracht. Er is onvoldoende inhoudelijke invulling gegeven aan de ISD-maatregel. De huidige wetgeving biedt de mogelijkheid om de ISD-maatregel op te leggen aan illegale vreemdelingen. Veroordeelde valt in de zogenaamde pilot-groep. Nu is door de Minister van Veiligheid en Justitie bepaald dat alle ISD-ers die ongewenst zijn verklaard, ondergebracht worden in De Grittenborgh. DT&V zal zich vanuit De Grittenborgh gaan bemoeien met de uitzetting naar het land van herkomst.
Volgens de trajectbegeleider van veroordeelde is er geen bezwaar tegen uitzetting van veroordeelde op dit moment. DT&V heeft de aanvraag voor het laissez-passer uitgezet bij het onderdeel van de dienst dat daarover gaat. De heer [medewerker consulaat] van het Italiaanse consulaat in Amsterdam heeft de raadsvrouw bericht dat het consulaat het reisdocument van veroordeelde direct in orde zal maken, zodra het consulaat een fax ontvangt van DT&V met alle informatie over de geplande terugkeer.
Naar de mening van de verdediging zal het opheffen van de maatregel niet leiden tot een onveilige situatie voor de samenleving, nu het voornemen bestaat om de maatregel op te heffen bij uitzetting. Kennelijk is er op dat moment geen reden meer om de maatregel voort te zetten ter bescherming van de samenleving. Bovendien zal veroordeelde overgedragen worden aan de vreemdelingenpolitie en in een detentiecentrum worden geplaatst. Van daaruit zal gewerkt worden aan zijn terugkeer.
De maatregel loopt al geruime tijd, maar tot op heden is er niets gebeurd. Door een onjuiste uitleg van het beleidskader door de ISD-inrichting is de invulling van de maatregel tot op heden mislukt. Er is thans nog geen concreet zicht op uitzetting van veroordeelde. Dit is niet aan veroordeelde te wijten, maar aan het feit dat er in de praktijk nog geen duidelijk afspraken over de taakverdeling tussen de diverse betrokken instanties in dergelijke gevallen gemaakt zijn. Veroordeelde heeft van het begin af aan aangegeven mee te willen werken aan zijn terugkeer naar Italië en heeft hierover ook zelf contact opgenomen met verschillende instanties.
De raadsvrouw verzoekt dan ook om opheffing van de ISD-maatregel.
De rechtbank overweegt het volgende.
Bij vonnis van 4 mei 2010 is de ISD-maatregel aan veroordeelde opgelegd, zodat hij binnen het kader van de maatregel zou kunnen repatriëren naar Italië. Veroordeelde heeft blijkens de verklaringen van de deskundigen in openbare raadkamer altijd meegewerkt aan repatriëring naar Italië. Hij heeft direct getekend voor zijn ongewenstverklaring, toen bleek dat deze hem zou kunnen helpen sneller terug te keren naar Italië.
Als gevolg van het feit dat de ISD-maatregel aan hem is opgelegd ten behoeve van repatriëring en zijn ongewenstverklaring, bestaan geen relevante re-integratiemogelijkheden voor hem binnen de ISD-maatregel. Bovendien heeft veroordeelde aangegeven geen hulpvraag te hebben en hij heeft dat ook duidelijk gemotiveerd.
Gelet op voormeld advies en het verhandelde in raadkamer, is de rechtbank van oordeel dat voor de beëindiging van de recidive van veroordeelde en de beveiliging van de maatschappij niet noodzakelijk is dat de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel wordt voortgezet. Niet te verwachten is dat opheffing van de ISD-maatregel zal leiden tot onveiligheid, overlast en verloedering van het publieke domein, omdat veroordeelde vanuit de ISD-maatregel direct in vreemdelingenbewaring geplaatst zal worden. Daarmee kan beëindiging van de maatregel niet tot gevolg hebben dat verdachte vervalt in recidive.
Nu repatriëring naar Italië blijkens het vonnis van 4 mei 2010 wel het doel was van oplegging van de ISD-maatregel, acht de rechtbank het voortzetten van de maatregel niet langer zinvol door een omstandigheid die buiten de macht van veroordeelde ligt. Na ruim een jaar lijkt de verwezenlijking van de terugkeer van veroordeelde naar Italië, ondanks zijn eigen inspanningen, niet concreet dichterbij te komen. Via de vreemdelingenrechtelijke weg zal veroordeelde mogelijk, gezien het feit dat hij daaraan zelf een grote bijdrage heeft geleverd en wil leveren, binnen afzienbare tijd naar Italië kunnen worden uitgezet.
Beslissing.
De rechtbank bepaalt dat de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel van [veroordeelde] wordt beëindigd met ingang van 17 augustus 2011.
Deze beschikking is gegeven in openbare raadkamer van deze rechtbank en kamer door
mr. H.A. van Eijk, voorzitter,
mrs. P. Sloot en H.M. van Niftrik, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. A. Bernsen, griffier,
en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 augustus 2011.