ECLI:NL:RBAMS:2011:BV9292
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens tekortkomingen beleggingsadvies en onrechtmatig handelen banken
Eiser heeft van 2000 tot 2007 een beleggingsadviesrelatie onderhouden met ABN AMRO en ING, waarbij hij een portefeuille met een pensioendoelstelling en een gematigd defensief tot offensief risicoprofiel hanteerde. Eiser stelt dat de banken tekort zijn geschoten in hun zorgplicht door onvoldoende te informeren over risico's van gestructureerde obligaties, onvoldoende spreiding aan te houden, en niet tijdig te reageren op financiële marktomstandigheden.
De rechtbank oordeelt dat bij een belegd vermogen van € 8,2 miljoen en een obligatieportefeuille van € 3,2 miljoen niet zonder meer kan worden aangenomen dat het obligatiebedrag te allen tijde direct liquide moet zijn. De inkomsten uit obligaties, aangevuld met aandelen en liquiditeiten, kunnen voldoende zijn voor het pensioen en levensonderhoud. Eiser heeft onvoldoende toegelicht dat de portefeuille niet aan zijn inkomensbehoefte voldoet.
Verder is onvoldoende gesteld dat de spreiding in obligaties ontoereikend was, aangezien beleggen in obligaties van financiële instellingen gebruikelijk is en eiser adviezen tot spreiding niet heeft opgevolgd. De rol van BDO als adviseur en orderremisier is niet onrechtmatig, en de banken mochten de contacten met BDO als contacten met eiser beschouwen. Ook is onvoldoende gebleken dat de banken tekort zijn geschoten in informatieverstrekking en waarschuwingen over risico’s.
Ten slotte is niet aannemelijk dat de banken tijdig de portefeuille hadden moeten aanpassen in het licht van de financiële crisis. De vorderingen worden afgewezen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten. De vrijwaringsvordering van ING tegen BDO wordt eveneens afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiser af wegens het ontbreken van tekortkomingen of onrechtmatig handelen door ABN AMRO en ING.