ECLI:NL:RBAMS:2012:BV6468
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering WAO-uitkering en ontvankelijkheid bezwaar
Eiser ontving een WAO-uitkering die meerdere malen werd herzien op basis van zijn arbeidsongeschiktheid en inkomsten uit arbeid. Verweerder nam in november 2007 besluiten tot herziening van de uitkering, die eiser niet tijdig ontving. In 2009 volgde een terugvorderingsbesluit voor te veel betaalde uitkering.
Eiser stelde dat de besluiten niet ontvankelijk waren wegens niet-ontvangst en dat de terugvordering was verjaard. De rechtbank oordeelde dat het voordeel van de twijfel voor de ontvangst slechts de ontvankelijkheid van het bezwaar betreft en dat de besluiten uiteindelijk in februari 2010 bekend werden gemaakt, waardoor het bezwaar voortijdig was ingediend maar toch ontvankelijk verklaard moest worden.
De rechtbank stelde vast dat verweerder terecht het terugvorderingsbedrag van € 38.252,07 vaststelde, omdat eiser inkomsten uit arbeid had ontvangen die invloed hadden op de hoogte van de WAO-uitkering. De verjaringstermijn was nog niet verstreken omdat verweerder pas in 2007 over de juiste inkomensgegevens beschikte. Het beroep tegen het besluit van 3 november 2010 werd ongegrond verklaard en verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van € 437,-.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugvorderingsbesluit is ongegrond verklaard en verweerder mocht het teveel betaalde WAO-bedrag terugvorderen.