ECLI:NL:RBAMS:2012:BV9381
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling eerste arbeidsongeschiktheidsdag en wachttijd WIA-uitkering bij grensarbeider
Eiser, een grensarbeider die in Nederland en Duitsland heeft gewerkt, vroeg een WIA-uitkering aan wegens arbeidsongeschiktheid vanaf 15 mei 2008. Verweerder wees de aanvraag af met als eerste arbeidsongeschiktheidsdag 8 februari 2010, aansluitend bij de Duitse toekenning van een volledige uitkering per 1 maart 2010.
Eiser betwistte deze datum en stelde dat hij al eerder arbeidsongeschikt was, en dat de Nederlandse wachttijd niet mag afwijken van de Duitse, verwijzend naar het arrest Leyman van het Europese Hof van Justitie. De rechtbank oordeelde dat het arrest Leyman niet verplicht tot aansluiting bij de Duitse wachttijd, maar wel dat een nationale beslissing niet mag leiden tot discriminatie in strijd met het vrij verkeer van werknemers.
De rechtbank constateerde dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de medische situatie van eiser, die een complexe ziektegeschiedenis heeft met meerdere diagnoses en geleidelijke verslechtering. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, waarbij nader medisch onderzoek moet worden verricht om de eerste arbeidsongeschiktheidsdag vast te stellen en de discrepantie tussen de Nederlandse en Duitse uitkeringssituatie te beoordelen.
Daarnaast wees de rechtbank op mogelijke aanvullende uitkeringen ter overbrugging van het WIA-gat en veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de WIA-uitkering wordt vernietigd met opdracht tot nieuw onderzoek en besluitvorming.