ECLI:NL:RBAMS:2012:BW6663
Rechtbank Amsterdam
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Executie ondanks tijdig verzet tegen dwangbevel onrechtmatig verklaard
De zaak betreft verzet van drie besloten vennootschappen tegen de tenuitvoerlegging van dwangbevelen door de Belastingdienst Amsterdam wegens openstaande belastingschulden over 2010 en 2011. De Ontvanger had beslag gelegd op roerende zaken en deze openbaar verkocht, ondanks dat het verzet tijdig was ingesteld.
De kern van het geschil is of de Ontvanger zonder rechterlijke toestemming de schorsende werking van het verzet mocht negeren en tot verkoop mocht overgaan. De rechtbank oordeelt dat de Ontvanger dit niet mocht, omdat de wetgever de schorsende werking juist heeft ingesteld ter bescherming van de belastingplichtige. Het standpunt van de Ontvanger dat hij zonder rechter aan de schorsing voorbij mag gaan, is niet verenigbaar met de wet.
Hoewel het verzet kansloos was en de voorzieningenrechter de schorsing waarschijnlijk zou hebben opgeheven, was de verkoop zonder rechterlijke tussenkomst onrechtmatig. De rechtbank wijst het verzet deels toe en veroordeelt de Ontvanger tot schadevergoeding, die nader bij staat zal worden vastgesteld. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Het verzet wordt deels gegrond verklaard en de Ontvanger wordt veroordeeld tot schadevergoeding wegens onrechtmatige executoriale verkoop zonder rechterlijke toestemming.