ECLI:NL:RBAMS:2012:BX3839
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Boete wegens schending inlichtingenplicht toeslagenwet bevestigd en verlaagd
Eiseres en haar echtgenoot ontvingen onterecht toeslag op grond van de Toeslagenwet omdat eiseres niet had gemeld dat zij een WAO-uitkering ontving vanaf 7 april 2003. Verweerder legde daarom een boete van €1694 op wegens schending van de inlichtingenplicht. Eiseres voerde aan dat zij geen volledig zicht had op haar financiële situatie door vele besluiten over haar WAO-uitkering en dat verweerder op de hoogte was van de uitkeringen.
De rechtbank oordeelt dat eiseres de inlichtingenplicht heeft geschonden en haar daarvan subjectief een verwijt valt te maken. De plicht tot melding geldt zodra feiten bekend zijn die invloed kunnen hebben op de toeslag, ook zonder exacte hoogte van het inkomen. De stelling van verminderde verwijtbaarheid wordt verworpen omdat de plicht tot eigen initiatief tot informeren geldt.
Verweerder heeft ter zitting het boetebedrag verlaagd tot €360 vanwege de aflossingscapaciteit van eiseres. De rechtbank acht deze verlaging passend en vernietigt het eerdere besluit voor zover het de hoogte van de boete betreft. Tevens veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van 9 november 2010 herroepen.
Uitkomst: De rechtbank legt een boete van €360 op wegens schending van de inlichtingenplicht en veroordeelt verweerder tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.