ECLI:NL:RBAMS:2012:BY0760
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen afwijzing nabestaandenuitkering op grond van de Anw wegens ingezetenschap
Eiseres vroeg een nabestaandenuitkering en halfwezenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (Anw) aan, welke door verweerder werd afgewezen omdat de echtgenoot van eiseres niet als ingezetene van Nederland werd beschouwd ten tijde van zijn overlijden.
De kern van het geschil betrof de vraag of de echtgenoot, die ook ingezetene van Marokko was en daar langdurig verbleef, tevens ingezetene van Nederland kon zijn. Verweerder stelde dat dubbele woonplaats uitgesloten is en dat de echtgenoot geen duurzame persoonlijke band met Nederland had.
De rechtbank volgde dit niet en baseerde zich op jurisprudentie van de Hoge Raad en de Centrale Raad van Beroep, waarbij alle omstandigheden van het geval betrokken moeten worden. De rechtbank stelde vast dat de echtgenoot jaarlijks minimaal drie maanden in Nederland verbleef, een eigen kamer had bij zijn zoon, en een sociaal familieleven in Nederland onderhield.
Hierdoor concludeerde de rechtbank dat de echtgenoot zijn ingezetenschap van Nederland niet had verloren en dat verweerder ten onrechte de aanvraag had afgewezen. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht van eiseres.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het besluit tot afwijzing van de nabestaandenuitkering wegens ingezetenschap.